is toegevoegd aan uw favorieten.

Drijfwerken met onderdeelen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

R"! ^

(Al., = (W— «„).

ll

De waarde voor uit vergel. (48 ingevuld:

R,' 1 R b \

u"~ T \ j)u-

Waarmede dus cc,, uit, en a>i zijn uitgedrukt in co.

Zet men van uit AI op as li] 1V2 af: coa en — (u—u*) en trekt men uit de eindpunten lijnen evenwijdig aan de lijn C M dan is:

_om _ MD u0 ~ CD'

, MD R„

°f: ~CD=-bUit de hoeksnelheden is de wrijving te bepalen. Zie fig. 10.

Ontbindt de hopksnellipirl

ais ten opzichte van deoogenblikkelijke as van wenteling A'l volgens en loodrecht op het ondersteuningsvlak dan zal

ut sin if eene slepende OW cos <}' eene rollende wrijving veroorzaken.

Is:

Fig. 10. /aecoemcientvoorsiepenae

wrijving.

fl de coëfficiënt voor rollende wrijving.

.r de gemiddelde afstand van de punten van het drukvlakje tot B. B de normale druk in /?2, dan is:

ƒ B x ui/, sin q- — arbeid slepende wrijving. ƒ] B 00a cos 'I — „ rollende „

De totale arbeid :

f B x co/, sin <f \ f\ H <*>/, cos <?.

Dit geldt voor één van de vier drukpunten.

Heeft men voor de punten Aj en A2 de afstanden .rj en x2 en voor de punten en B2 : en x'2, dan is de totale arbeid van de wrijving: