is toegevoegd aan uw favorieten.

Toegepaste mechanica

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Als een rechte, homogene staaf wordt samengedrukt door twee krachten, die aan de uiteinden aangrijpen en volgens de as van de staaf werken, en de lengte is groot in verhouding tot de dwarsafmetingen, dan bestaat gevaar, dat die staaf zijdelings uitbuigt, dat die staaf knikt. Die uitbuiging is teoretics niet onvermijdelik: ook de spanningen in de rechtblijvende staaf zouden in staat zijn, het evenwicht met de uitwendige krachten te handhaven 1).

Treedt de uitbuiging op, dan geschiedt dat in de richting van de kleinste dwarsafmeting (de as van de normale doorsnee, ten opzichte waarvan die doorsnee het kleinste traagheidsmoment heeft, wordt buigingsas). Om de kracht te leren kennen, die een gegeven prismatiese staaf doet knikken {de knikkracht F), dient de bekende knikformule van Euler:

Fig. ia.

De staaf (Fig. i) wordt gedacht aan de uiteinden scharnieren te hebben. Als werkelik knik optreedt, zal de doorsnee, waarvan het zwaartepunt een uitwijking y heeft gekregen van de vroegere as AB uit, behalve aan de samendrukking (en in verband met het niet meer normaal staan der doorsnee op de lijn AB eigenlik ook nog aan een afschuiving) tevens aan een buiging weerstand moeten bieden;

i) Zie: Dr. C. J. Kriemler, Von der Erhaltung der Energie und dem Gleichgewicht des nachgiebigen Körpers;

Dr. H. Zimmermann, Ueber den Sicherheidsgrad der Bauconstructionen, insbesondere der auf Knicken beanspruchten Korper (Centralblatt der Bauverwaltung, 1886).