Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

In 1879 echter kon zij aan het herhaald aandringen tot opneming van een paar epileptische meisjes geen weerstand blijven bieden, en zij nam beide op. Doch nauwelijks bevonden deze zich in haar huis of het bleek dat zulken, wegens de hinderlijkheid voor hare omgeving, in een gewoon ziekenhuis niet behooren. Een van de twee patiënten werd naar eene Inrichting tot verpleging van idioten in ons land overgebracht; voor de andere vroeg en verkreeg de Freule plaatsing in de sedert 1807 bestaande en reeds bloeiende stichting voor epileptischen „Bethel" bij Bielefeld in Westphalen. Door eene harer mede-arbeidsters in hare ziekenverpleging begeleid, bracht zij het ongelukkige meisje daarheen. Zwaar woog het haar echter dat in zulke gevallen hulp in het buitenland moest worden gezocht, en op de terugreis sprak zij dat voor de zuster, die haar begeleidde, uit. Maar toen was ook het besluit genomen. Zij zou doen wat zij gevoelde niet te mogen laten. In den tuin achter haar huis, uitkomende in de Parklaan, deed zij een eenvoudig gebouwtje optrekken, waarin aan enkele vrouwelijke patiënten gelegenheid tot verzorging zon worden verleend. Bescheiden trok zich dat kleine gebouw, dat beneden bestond uit één groote en één kleine kamer met een keuken, en dat boven slechts een paar kleine slaapkamers bevatte, terwijl enkele vierkante meters grond den tuin uitmaakten, die al te mild beschaduwd werd door een kastanjeboom, — bescheiden, zeg ik, trok het zich terug achter de aanzienlijke huizen in de Parklaan. Niet ten onrechte gaf men het dan ook den naam van „Zoar", d. i. klein, nietig, gering (Gen. 19 : 20). Men berekende dat men er 8, met moeite 10 vrouwelijke patiënten in zou kunnen herbergen.

Doch, gelijk te voorzien was, nauwelijks kreeg het

Sluiten