Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

IV.

AEN5CHEN.

Bidt dan den Heer des oogstes, dat Hij arbeiders in zijn oogst uitstoote.

Matth. 9 : 38.

Van groot gewicht is de zaak van grond en gebouwen. En een eerste belang daarbij is: geld. Op verschillende wijze: door giften en legaten, voorschot en leening, zijn wij door vriendelijke menschen aan de noodige stoffelijke middelen geholpen. Maar wat is geld, wat zijn alle eigendommen, zonder menschen, die zich in de Inrichting voor den arbeid geven, tijd en krachten aan de kranken en hunne verzorging willen wijden; menschen, die liefhebben en met hunne lielde geschiktheid en tact paren om anderen te leiden, om te dienen altijd en altijd maar weer, om te regeeren, als het moet, en dat uit liefde, liefde alleen, zonder eenig nevenoogmerk. Mag eene Inrichting zulke menschen bezitten, dan ligt daarin voor haar eene allereerste reden om Hem te danken, van wien ook deze goede, groote gave is.

Hoedanig in dat opzicht de ervaring der Vereeniging is geweest, kan ieder zonder veel toelichting uit de volgende bladzijden blijken.

Wij beginnen natuurlijk met het begin, d. w. z. met de nog kleine Inrichting te Haarlem.

Sluiten