Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

begrip uitdrukkende, dat van vrijwillige, dienende liefde in de Gemeente des Heeren.

Dit blad heeft in den loop der jaren van verschillende zijden blijken van sympathie ontvangen. In een nu wel niet ruimen, maar belangstellenden kring, heeft het zich een plaats veroverd. In 1900 had het ± 1000 inteekenaren. Het heeft vooral aan onze Vereeniging uitnemende diensten bewezen. Menige goede zaadkorrel is er door uitgestrooid, en wij hebben vaak verrassende en gezegende gevolgen ondervonden van menig artikel, dat de aandacht boeide en de beurzen opende. Doch niet alleen onze Vereeniging heeft er vruchten van ingezameld. Het heeft ontegenzeggelijk medegewerkt om het van de humanitaire of neutrale verpleging onderscheidend geestelijk karakter, de geestelijke bedoeling van het diakonenen diakonessenwerk, tot veler besef te brengen, eene zaak voor den eigenlijken bloei, den wezenlijken vooruitgang van dit werk van het hoogste gewicht in een tijd, waarin het gevaar voor „verflauwing der grenzen" ook op dat terrein verre van slechts denkbeeldig is.

Niet zonder weemoed aan onze zijde staakten wij de uitgave in 1900, dus na 13 jaargangen te hebben mogen bezorgen. Maar wij brachten daarmede een offer aan eene goede zaak, die zulk een offer wel waard is. Die goede zaak is deze: voor rekening der Diakonessenhuizen in Nederland, welke zijn aangesloten bij den Kaiserswerther-bond, zou een blad worden uitgegeven. Aan die uitgave lag ten grondslag de wensch naar meer samenbinding, nauwere vereeniging en aaneensluiting op een terrein, welks grenzen al verder en verder werden uitgezet: het terrein der dienende liefde. In een tijd van veel scheuring en verdeeldheid en uit elkander gaan, moet elke poging tot samenbinding en samenwerking worden gesteund,

Sluiten