Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kan onraad zijn ! Het moet de moeite loonen er achter te komen, wat zulk een aandoenlijken geest van streek bracht. (')

Zij, de wachters op den muur, kondigen den nieuwen dag aan en wekken de slapenden — dan zien we het woelen, het voorspel van de „Eeuw van Worsteling"

Heel veel geestelijk leven gaven de eerste jaren der eeuw niet te zien. De verdraagzaamheid was deels de vrucht van het bewuste vrijheidsbeginsel, deels eene uiting der lusteloosheid. Dat „rationeel-supranaturalistisch standpunt," (2) waarop bijna alle godgeleerden en predikanten stonden, was tevens het gemakkelijkste

voor de zoete rust.

„Zich druk maken" lag niet in den geest des tijds; „niet al te

was het parool.

Van velen mocht Groen schrijven : „de hemel werd voor elk, die geene grove uiterlijke zonden beging, met eene onbekrompenheid, die gedurig ruimer werd, opengesteld" (3).

Ken verdraagzaamheid der dooden — de eensgezindheid van een kerkhof.

Een schok ging door Europa toen Napoleon viel. Nu zou iets nieuws komen ! — een geheel nieuwe aera ! — en ook nu zien we, zooals bij zoo vele groote staatkundige gebeurtenissen of maatschappelijke catastrophen, eene geestelijke herleving, met name een wederopleven van eschatologische verwachtingen.

Ook in de kringen, waarmede wij ons nu bezig houden, zien we dit laatste. In bijzonder sterke mate bij Dirk Valk, maar toch ook bij Muller, aan wiens beschouwingen eveneens een onbestemde verwachting van een naderend einde dezer wereld ten grondslag ligt.

Voor we nu de geschiedenis der Zwijndrechtsche Broederschap behandelen, laten we voorafgaan een uitvoerige vermelding van de bronnen, die ons ten dienste stonden, en van de vroegere

studies over dit onderwerp.

We noemen dan eerst de geschriften van de oprichters en leden der broedergemeente — en volledigheidshalve ook de enkele werkjes, die ons alleen bij den titel bekend geworden zijn.

(i) A. Pierson „Oudere Tjjdgenooten" Gids 1886, dl 1, blz.

(J) Zie Dr. J. Reitsma „Geschiedenis van de Hervorming en de Hervormde Kerk der Nederlanden". Gron. 1899, blz. 378.

(J) Groen v Prinsterer „Maatregelen" blz. 23.

Sluiten