Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

datums ontbreken geheel — het is er niets minder om •' maar de opzet en de fijne teekening zijn van dien aard, dat de zeker belangwekkende stof dubbel aantrekkelijk wordt gemaakt.

Dit alles danken we Anagrapheus en vroeg deze: „men beschouwe het als eene proeve van het denken, zoeken en strijden onzer kleine burgerij, en als eene bijdrage tot de kennis van het godsdienstig leven in Nederland in de eerste helft onzer eeuw , wij waardeeren het als zoodanig hoog.

Jammer echter, dat Maria's aanteekeningen zelf verloren zijn geraakt; al heeft Anagrapheus alles zoo getrouw mogelijk weergegeven, we wilden toch ook wel weten, wat Maria zelf zeide en hoe zij 't zeide. Want, of Maria's verhaal nu in allen deele betrouwbaar is, durf ik betwijfelen. We wezen reeds op haar oordeel over de familie Valk en over Mullers wettige vrouw en kinderen; dat oordeel was bepaald onbillijk.

Dr. van Gorkyim noemt haar : „een mensch door waarheidsliefde sterk", hare omzwervingen tengevolge van haar optreden voor de waarheid zijn zoovele bewijzen; reeds als dienstbode durfde zij onbeschroomd uit te komen voor hare opvattingen.

„Een zeldzaam eerlijk kind des volks" (') — ik wil het geen oogenblik ontkennen — „Ze vertelde ook van haar eigen dwaasheid", (2) maar.... ook de eerlijkste mensch ziet de dingen van vroeger.- toch in het licht van het heden, en hij heeft zijne sympathieën en zijn afkeer.

Vergeten we toch niet, dat Maria deze bladzijden neerschreef aan het einde van haar lang, veelbewogen leven en .... in eene andere sfeer van gedachten.

Zij staat in hare gedenkschriften in een voordeelig licht —ik wil niet zeggen, dat zij zichzelf in dat licht stelde, Anagrapheus kan er ook een aandeel in hebben — maar toch heeft de geschiedenis ook hier een correctief te geven en eene andere zijde te belichten.

Vroegere „dwaasheden" te willen belijden is zoo „zeldzaam eerlijk" nog niet — „zonden" te bekennen is meer.

Wat Maria schrijft, moge waar zijn, daar is echter ook veel waars, dat zij weglaat. Geheele perioden van haar leven slaat ze over — wel heel begrijpelijk, daar de herinnering ervan haar misschien minder welkom was — maar die voor haar leven toch zeker niet het minst belangrijk zijn geweest.

Wij merken het bij het aandachtig lezen van haar boek reeds,

(') en (') aldus Dr. v. Gorktim t. a. p.

Sluiten