Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

den Almachtige ; ze had iets Spinozistisch". Levendig, absoluut^ geen vrouw van wikken en wegen — dat was Maria en daarvan getuigt ook de gang van hare godsdienstige overtuigingen.

Zij heeft zoowat alles doorgemaakt — en onderscheidde zich steeds door een consequent doortrekken van de lijnen. Met gejuich in de hyperorthodoxe kringen begroet, maar spoedig er uit gestooten : toen vol vuur voor de verwezenlijking van een Christelijke samenleving — direct door Muller gewonnen, zich gevend, zooals alleen een vrouw zich geven kan en ten slotte weer hem voorbij dravend in absolute consequenties, later spiritiste en schrijvend in de „Dageraad".

Met oprechte vroomheid trad zij na het verlaten van het weeshuis de wereld in. Haar leven is van meet af aan geweest: getuigen ! en daarvan spreken reeds die eerste jaren.

Haar eerste dienst was in een Roomsch gezin; zij voldeed uitmuntend in haar werk, maar gaf door hare woorden spoedig aanleiding tot ongenoegen.

Zij, de dienstbode, trad met kracht voor hare geloofsovertuigingen op en meende de „paperij" te moeten bestrijden. Natuurlijk was het einde, dat haar de dienst werd opgezegd.

Daarna kwam zij in een protestantsch gezin, waar zij weer te velde moest trekken tegen onverschilligheid, en ook daar bleef zij niet lang.

In weemoedige stemming ging zij eindelijk naar Amsterdam om daar te trachten met naaiwerk in hare behoeften te voorzien.

Deze eerste ontmoedigende ervaringen hadden met kracht de vraag bij haar opgedrongen : „Sta ik zelf wel vast genoeg in de genade, om anderen den weg te kunnen wijzen ?" In dien geestelijken strijd om zekerheid werd haar de weg gewezen tot een gezelschap — en eindelijk brak het licht bij haar door. In een droom zag zij Jezus, de handen naar haar uitstrekkende met de woorden: „Ik heb u in mijn handpalmen gegraveerd," en achter Hem verrees een lange lijst van zonden en daaronder stond met bloed geschreven : „ik heb ze teniet gedaan."

Jubelend gaf Maria van hare verlossing getuigenis in den kring en men omhelsde haar met blijdschap.

Maar... eigenaardig !. .. wat haar daar gebracht had, werd nu ook de oorzaak der scheiding: haar verlangen naar zekerheid des geloofs.

Sluiten