Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Verscheidene andere broeders en zusters werden bij deze gelegenheid mishandeld. Wel opmerkenswaardig om den zachten toon is de brief, dien Valk later schreef aan Leendert van Rhijn, „assessor der gemeente Bloemendaal", een der medeplichtigen.

Waddingsveen, 10 Mei 1818.

Vriend van Rhijn!

Niettegenstaande de goddelooze vrijheid hebben, zelf op Zondagen, zóó veel menschen, in en buiten de Herbergen bij zich te nemen als zjj willen, zjjn wjj, die door de genade Gods verwaardigd zjjn geworden, om naar de Schrift de onderlinge bijeenkomsten niet na te laten, ten einde eikanderen, naar de lessen van Jezus op te bouwen en de herbergzaamheid in de liefde uit te oefenen, door Schout Blok aangezegd, om geen vreemde menschen in te nemen.

Ik heb hem gezegd, van God te zullen gehoorzamen en aan alle wetten, die daarop gegrond zyn, mij te onderwerpen ; maar aan geen wetten, hoe ook genaamd, die daartegen aanlopen, en om alle onheilen voor te komen, daar de menschen onder uw opzigt, nu reeds viermaal mijn huÏB bestormd hebben, mijn goed aan stukken gegooid, ons geslagen en van den Broek, als moordenaars behandeld te hebben, heb ik hem gezegd, als hy en U, daarvoor niet weet te zorgen, dat ik dan geweld met geweld (tegen mijn gemoed) zoude moeten te keer gaan, hoewel wij voor onze vjjanden bidden, dat God hen bekeere, omdat zij niet weten, wat zij doen.

Gjj alle zondigt tegen den hoogen God, en wilt gij met bescheidenheid hooren, komt en brengt uwe Predikanten mede, of ontbied ons waar U verkiest. Ik zal echter alles aan den Koning klaar bekend maken, en vooral onze zaak aan den oppersten Regtvaardigen Heer van hemel en aarde overgeven, die alles op zijn tjjd en naar zijne wijze aan het licht zal brengen en zegt: „mg komt de wrake toe en ik zal 't vergelden."

Om nu, naar de les van God, in Paulus brieven beschreven: „houdt vrede met alle menschen, indien 't mogelijk is etc." heb ik aan den Schout gezegd, U alle vreemde persoonen op te geven, die bij mij komen, ten einde daarmede, naar Uw goeddunken, volgens de wet te handelen, zoo God wil.

Wjj wachten ten allen tijde het Geregt, en gaan gewillig mede, en kunnen in huis komen nacht en dag, dan zullen wij als schapen, door God ons ter slachting laten leiden, en daarom geef ik F bij deze kennis, dat heden bij mjj is Teunis van den Broek, onzen Broeder in Jezus. Hiervan heb ik copie.

Na groete, onder toewensching dat God u allen bekeere

Uw vriend (get.) D. Valk.

Sluiten