Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ook aan den Procureur-Generaal; met brieven aan de Predikanten en aan den Koning der Nederlanden, door den Cipier van de gevangenis aan den Commissaris, Bode genaamd, te Gouda laten bezorgen, met verzoek dezelve te bezorgen, daar en waar zjj behoorden. In dien tusschen-tijd hebben de menachen niet opgehouden Dirk Valk met zijne overige Broeders en Zusters te vervolgen, ja zelfs zóó, dat zjj eenen Broeder, met name Tennis van den Broek, wonende te Rotterdam, hebben trachten te verzuipen, (zoo zij dat noemden) hem dadelyk in 't water gooiden en met slijk overlaadden. — Nadat laatstgenoemde gevangenen uit de gevangenis te Gouda ontslagen waren, hebben wij ons door de geschriften en Copiën van de brieven, door meergem. Muller eigenhandig op aanwijzing van den Koning, uit de kerk komende, aan zijn Rekwestmeester gegeven, Hem, den Koning verzoekende, ons in dezen regt te doen ervaren, ofte ons, indien wij schuldig bevonden werden, te straffen.

Dan, daarop tot heden nog geen antwoord bekomen hebbende, heeft veroorzaakt, dat het gemeen zich een regt schijnt aangematigd te hebben om ons te blijven vervolgen, als of wij Vogelvrij verklaard waren, en ons alle van onze woonplaats verdreven hebbende, Except Klaas Davids met zijne vrouw en Machiel Hogervorst, zoodat wij genooddrongen zjjn geweest ons te begeven, daar, waar wjj het minste vervolgd werden ; en welke plaats ons de Heere bereidde bij eenen Vriend en Broeder, met name Dirk Schenkel te Polsbroekerdam, drie uren boven Gouda, alwaar wjj dan gezamentljjk hebben gewoond, verteerende intusschen onze overgelatene goederen, en vervolgens met zwavelstok maken de kost winnende, tot in 't begin der maand July 1820 : als hebbende intusschen gem. D. Sétienkel zijn huis verkocht, en wilden wij daarna het vóórvertrek huren van den tegenwoordigen Eigenaar Pieter Verwaal, tot dat onze zaak door den Koning beslist was; — dan, deze man dit gaarne willende doen, is daarin belet door de regeering van Polsbroekerdam, zoodat wjj eindelijk door den nood gedreven waren onze bedden te verkopen, om ons een Schuit of vaartuig tot verblijf voor ons, onze vrouwen en kinderen aan te schaffen, tot dat wij huizen konden bekomen en ons eene veilige woonplaats door den Koning zoude zijn aangewezen, alwaar wij vrijheid hadden om onze Kristel. Godsdienst in de waarheid, naar 't Evangelie, onder eene Kristeljjke bescherming en Burgerlijke wetten, onverhinderd uit te oefenen ; hetzij men ons af/.onderlijk of bij elkandeien late woonen en waarom wij djn Koning verzocht hebben (en tot heden nog geen antwoord op bekomen hebben) door de vervolgingen ons aangedaan, hoewel wij ongaarne verre van elkander zouden zjjn gescheiden, ten einde de Gemeenschap der Heiligen te kunnen oefenen. Ook kunnen wij geene wetten gehoorzamen, die tegen Gods getuigenis aanlopen, maar willen ons in alles onderwerpen, wat niet strjjd tegen Gods geregtigheid, in den bijbel geopenbaard. Ja zelfs, al wilde men ons in Frederiksoard eene plaats aanwijzen om te woonen, behoudens onze kristelijke vrijheid, om van God en goddelijke zaken te spreken, naar dat licht dat God ons geeft.

Zoodat wjj dan een bovenlandschen Aak gekocht hebben en alzoo den 13den 0f 14Jen Julyj.1. van Polsbroekerdam daarmede vertrokken zjjn naar de Krap bjj 's Gravendeel, om op een zeker Eiland aldaar struiken te roojjen,

Sluiten