Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Zij spreken in het gevoel, een boodschap Gods aan de geheele wereld te moeten brengen. (')

Dat begrepen de rechters niet. Eene innige overtuiging des harten noemden zij dweperij; de vermaning, beleediging; de vrijmoedigheid in het brengen van deze boodschap Gods, brutaliteit.

De Dortsche rechtbank oordeelde hard, zeer hard, en als Maria's voorstelling niet opzettelijk valsch is, en de zoogenaamde beleediging des Konings werkelijk door den substituur-officier zelve is uitgelokt, dan betreuren wij een dergelijk vonnis nog meer.

Lamers concludeert: „Het verhaal van Maria, in hare gedenkschriften blz. 67, aangaande de provocatie tot beleediging van den Koning, vindt geen steun in de notulen van de terechtzitting. Toch komt het mij zeer aannemelijk voor. Hoe zouden eenvoudige menschen er terstond toe komen, den Koning erbij te halen?" (2) Ik acht ook, in dit opzicht, Maria's verhaal getrouw ; dat van de genoemde provocatie niets vermeld staat in de rechterlijke bescheiden, spreekt van zelf — maar, mij dunkt, de beste critiek op het vonnis van de Dortsche rechtbank is geleverd door het Hoog Gerechtshof, door het eerste vonnis geheel te vernietigen.

Dat het tweede vonnis slechts gewijzigd werd, behoeft niet verklaard te worden, zooals Maria het deed: „om de rechtbank van Dordrecht niet geheel in het ongelijk te stellen". Hier was tenminste een strafbaar feit; het verstooren van de orde tijdens de terechtzitting.

ÖOok in dit opzicht worden we soms herinnerd aan den Psalmstijl. Ik aan wat prof. Valeton aanteekent bjj den aanbel van Psalm 49. Zie Psalmen Njjm. li)03 deel 2 blz 54 en 55. _ .

Ook de aanspraak der broeders staat „in alle deele in den superlatief. (*) Stemmen t. a. p. blz. 1122.

Anagr. t. a. p. blz. 70.

Sluiten