Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

.... Ook schrijft u, het ons niet zal ontbreke aan wijze en vrome predicanten in onze huurt. Wij kunnen wel zulke vrome vinden als Joseps broeders, welke hem verkochte; den allervoortreffelijksten dien wij gevonden hebben, en het er waarlijk voor houden, God veel aan hem had gedaan naar den inwendigen mensch, hoewel hij met in dat ligt stond dat door U verkondigt word en hetwelk ons door den H. Geest is geschonken, deeze man was Prof. Heeringa.... Buiten zijn Edl. hebben wij veele predicante bezogt, maar hebben meestal tot onze smart den geleerde gevonden en daar was het: weg met deeze! Ook vreeze wij nu wederom ons zeiven met u bedrogen te vinden. Ach wij hadden zoo graag in uw den nedrigen dienaar Christi gevonden.

.... Gij schrijft, dat wij u te gering zijn .... heb ik niet zelf in uwe werken gelesen en vooral in de Uwe, dat gij een Naamloos schrift miskent, waar in Uw werd aangetoond dat U W.E. de Zwijndregtse niet waart voorgekomen in het Ligt, maar dat zij UE. daarin waren voorgegaan .... hebt gij daarin Uwe lesers niet aangezegt, tog niet te geloven, dat UE. het bij die onaanzienlijke gemeente had gehaald ....

Onderzoekt nu eens waarom noemt gij ons onaansienlijk. Is het om onze kleinheid. Jezus kerk is immers een klijn kuddeken, is het om onze ongeleerdheid — Jezus apostelen werden van de geleerden in dien tijd ook voor ongeleerde en slegte menschen gehouden....

Wij integendeel, wij hebben ons mogen verblijden, dat God de duisternisse tot ligt maakt door Uwe schriften." Dan klaagt juffr. Valk over gebrek en verzoekt „een handreiking aan de verdrukten om de waarheidswille."

... „wij meenden zulks verpligt (!) te zijn om UE. gelegenheid te geven het loon te kunnen verkrijgen, dal er in Mt. 25: 34, 40 te lezen staat."

Zeker een ongewoon motief van hulpvragen !

En de brief eindigt met deze woorden: „mag ik u bidden, verwerp onze schriften niet. Zijn ze niet schitterend voor den tegenwoordigen geest, ze zijn eenvoudig en in waarheid ... wist gij eens, wat ik onder dit schrijve gevoele, ik moet met Paulus zeggen; ons harte is uitgebreid tot U."

Sluiten