Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

geen noodzakelijk gevolg der onteigening, omdat „tusschen „die schade en de onteigening staat nog eene andere oor„zaak, het werk".

3°. Het stelsel van den Hoogen Raad is willekeurig; want hij neemt niet in aanmerking de eventueele schade of die tengevolge der exploitatie. „Wanneer men eenmaal verwijderde gevolgen der onteigening in aanmerking neemt, „is het willekeurig tusschen de eene of andere dezer ge„volgen te onderscheiden". ')

4°. Het stelsel van den Hoogen Raad kan leiden tot onbillijkheid. „Stel, aan den onteigende is, behalve voor waardevermindering door de onteigening, nog eene aanmerkelijke „som toegelegd voor waardevermindering door het werk; „het werk wordt niet uitgevoerd, het overblijvend goed „wordt dus niet in waarde verminderd; toch zal de onteigende de schadeloosstelling voor waardevermindering „door het werk genieten. Immers hij is slechts bevoegd, „hij is niet verplicht, zijn goed in dat geval terug te „nemen".2)

5°. Het is onmogelijk om de schade te berekenen, welke het gevolg is van het werk. „Men bezit geen stellige gegevens „om te beoordeelen welk nadeel door het werk veroorzaakt „worden zal". 3)

Even verder wordt dit feit genoemd een klip, waarop men in de praktijk zou zijn gestooten.

6°. „Indien men niettemin vergoeding toekent voor de „schade door het werk te veroorzaken, zoo kan, daar het

») Blz. 230.

2) Blz. 218.

3) Blz. 219.

Sluiten