Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

goed of recht om niet, welke kenmerken men vindt in de omschrijving van het schenkingsbegrip in ons art. 1703 BW.

Gaan we thans na dit overzicht, in de volgende hoofdstukken over tot een zelfstandig onderzoek naar de verschillende beteekenissen van het schenkingsbegrip in onze wet.

te ruim voorkomt. Ten bewijze hiervan wijst hij op de» kwijtschelding eener schuld, waarbij wel sprake is van een afstand, doch niet van een schenking naar het forineele begrip. Ook aan een afstand kan echter hier m. i. niet worden gedacht. De crediteur kan toch bezwaarlijk zijn vorderingsrecht op den debiteur afstaan aan dien debiteur zelve. Ook Mr. Liboitrel zal in dit geval wei geen cessie willen aanvaarden, waartoe hij toch noodzakelijk zoude moeten komen. Bovendien heeft de uitdrukking overdracht te engen zin, dnar zij alleen ziet op den overgang van eenig bestanddeel van een vermogen, dat als zelfstandig, afzonderlijk deel daarvan reeds bestond. Rechten alzoo, die men zelf niet als afzonderlijk recht geniet, zijn niet vatbaar voor overdracht. Schenking naar het oudere begrip ware dus, als men overdracht, in den eigenlijken zin van het woord, als vereischte daarvan stelde, niet mogelijk, wanneer het betrof een vruchtgebruik of servituut b.v., rechten, die men niet als zelfstandige genoot, doch in de qualiteit van eigenaar mede uitoefende. Spreekt men daarentegen van afstand, dan doet zich dit bezwaar niet gelden.

Sluiten