Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

anderzijds, een onderscheiding, welke in onze wet in vergelijking met den Code Civil scherper uitkomt door de plaats, welke onze wetgever in afwijking van den Franschen aan beide onderwerpen heeft toegekend. De Code Civil toch behandelt in één Titel (Titre II Livre III) de „donations entre-vifs" en de bevoordeeling bij testament, een wijze van behandeling, welke eveneens wordt aangetroffen o. a. bij Pothier, die zijn „Traité „des donations entre-vifs" onmiddellijk deed volgen door zijn „Traité des testaments". Onmiskenbaar valt dan ook verband te bespeuren tusschen de schenking en de bevoordeeling bij testament, wanneer men, gelijk do Code doet in art. 918 C. C., de bescherming op het oog heeft der belangen van de erfgenamen, belangen, welke immers zoowel door de handeling onder de levenden als door de making bij uitersten wil kunnen worden geschaad; daarbij komt dan nog, dat het oud-Germaansche recht in beginsel geen testamentair erfrecht erkende op grond van den regel: „Solus Deus heredem facere potest, non „homo", waarvan hier de sporen nog in den Code Civil worden gevonden. Door het verschil tusschen beide onderwerpen is echter evenveel te zeggen voor een scheiding, zooals die door den Nederlandschen wetgever werd gemaakt , welke de schenking als overeenkomst onder de bijzondere contracten behandelde en de rechten van erfgenaam schap onder de zakelijke rechten een plaats toekende. Alleen de uitdrukking „onherroepelijk" herinnert in ons artikel nog aan het verband, hetwelk door de

Sluiten