is toegevoegd aan uw favorieten.

Schenking

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Wat art. 954 B. W. betreft, dit houdt een verbod in, hetwelk reeds volgt uit art. 22 der Notariswet, waarbij is bepaald, dat do notarieele acten gcon beschikkingen of bepalingen mogen inhouden ten voorcleelc van den notaris, te wiens overstaan zij zijn verleden, en van do verdere aldaar genoemde personen. Uit het hier aangehaalde artikel uit de Notariswet vloeit reeds voort, dat niet alleen de schenkingen van art. 1703 B. W., doch alle handelingen, waarmede bevoordeel ing wordt beoogd. onder het verbod vallen, zoodat ook op dit punt de uitbreiding van het voorschrift van art. 1718 B. W. geoorloofd is.

Met art. 955 B. W. tracht men bovenmatige bevoordeeling dor natuurlijke, wettiglijk erkende kinderen ten nadeelo der wettige to voorkomen: de eerstgenoemd en, zoo heet het, mogen uit de uiterste wilsbeschikkingen hunner ouders niet meer genieten, dan hun bij do wet is toegekend. „Genieten", alzoo olko meerdere bevoordeeling bij testament is hier verboden. Welke reden zou er nu zijn, om, waar het acten onder de levenden geldt, alleen bevoordeelingen door eene formeele schenking te verbieden en niet ook dezulke, welke teweeg worden gebracht doelhandelingen, die haar schenkingskarakter ontleonon aan hare economische gevolgen ?

Dezelfde rodeneoring zoude men kunnen volgen ten aanzien van art. 956 B. W., waarbij een straf wordt gesteld ten aanzien van ovorspelers of- speelsters en hunne medeplichtigen, die uit eikaars uitersten wil geen voordeel mogen genieten.