Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Hooren we nu, wat Pf. zegt over de verzen 6 en 7: „Beim Windlauf kehrt in pragnantester Weise sogar einmal mit Yerdopplung des Ausdrucks nicht weniger als zusammen viermal das aac und sein Stamm wieder. Nehmen wir aus diesem und dem folgenden Vers 7 das ai® dazu, so hahen wir in engster Zusammendr&ngung sechsmal den heraklitischen GrundbegrifF

der tqotio^ oder des nahvTQOTio^resv. der ivavTioTQOTTT/

und ivavnoSQonta " »Ich werde aber wohl zu

spitzfindig werden" zegt Pf. verder, „wenn mir die Wiederholung des =ac wie eine Art von Uebersetzung des nctï.ivTQonog oder der beiden andernzuletztgenannten heraklitischen Termini klingt, in welchen ja gleich der BegrifF der Wendung zweimal steekt". Pf. schijnt zelf de zwakheid van zijn' onderstelling te gevoelen. Om de onjuistheid te doen uitkomen, vestig ik de aandacht op een' zeer vaak voorkomende parallel van het Heraclitische nulivtQOTioi. In zijn' monografie over Heraclitus ') citeert Pf. zelf het classieke fragment van den Ephesiër als volgt: wdQi*ovitj nothvxovoi (oder auch nu^ivTQonog) óxcogntp hvQiji '«xi ro^ov. 2) Het woord nuXivTgonn^ wijst dus niet op een kringloop

welke beteekenis etymolgisch het naast zou liggen —

maar het drukt de spanning uit, die volgens Heraklitus tusschen de elementen van hetzelfde ding bestaat. .Krijg is aller dingen Vader en Koning" 3); maar juist

i) S. 89.

5) Fragm. 51.

s) Fragm. 53.

Sluiten