Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van hetgeen het oogenblik biedt, is het eenige levensideaal, dat voor hem met deze filosofiie vereenigbaar is.

Bij deze opvatting van de voor ons liggende pericoop verdwijnt geheel de indruk van „fliessende Relativiteit", waarin Pf. de pointe meent te moeten zien.

Hiermee is Pf.'s bewijsmateriaal echter nog niet uitgeput. In deze z.g. rGegensatztafel" zijn volgens hem tastbare bewijzen van Heraclitischen invloed; het begin, zoowel als het einde zou bewijzen, dat Prediker hier denkt in de categorieën van den Ephesiër.

Wat het eerste betreft, merkt Pf. zelf op, dat deze tegenstelling algemeen toegankelijk is. terwijl — zooals we reeds hebben opgemerkt — het bovendien zeer te betwijfelen is, of de antithese „leven — dood" in de filosofie van Heraclitus wel van zoo centrale beteekenis geweest is, als Pf. wil. Meer grond, om aan Heraclitus te denken, geeft het slot van onze pericoop. Het valt terstond op, dat alleen hier, in plaats van verba, twee substantiva gebruikt worden: „Er is een tijd van oorlog en een tijd van vrede." *) Bij Heraclitus komt deze tegenstelling voor: „God is'' zegt hij „dag en nacht, winter en zomer, krijg en vrede, overvloed en honger". 2) Elders zegt hij, dat uit den strijd der tegenstellingen de harmonie geboren wordt: „Strijd is van alle diügen de vader en koning...."3) Het hoofdargument in Pf.'s bewijsvoering is, dat we in

') 3:86.

2) Fragm. 67.

s) Fragm. 53.

Sluiten