Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dwingt zijn denken hem soms tot de negatie van allen godsdienst. Bijna op hetzelfde oogenblik echter laat het gemoed niet minder sterk zijne rechten gelden; dan zoekt de matte twijfelaar weer rust onder de bescherming van het oude geloof.

Maar het is niet alleen de godsdienstige twijfel, die den geest van dezen Joodschen denker ontwricht; evenmin kan hij bevrediging vinden in de Wijsheid, die onder zijn volk zoo hoog aanzien geniet en waarvan men in verschillende kringen schijnt te heoben geloofd, dat ze de geheimen van de schepping zou onthullen en de raadselen van het menschelijk leven oplossen. De Prediker weet, dat het den mensch niet gelukken zal, de werken Gods te doorgronden, en wanneer ook de Wijze meent, het wel te kunnen doen, het zal hem toch niet gelukken.

Zoo gevoelt dan deze oude denker in zijnen geest het bankroet zoowel van den Godsdienst als van de Wijsheid. Deze beide machten, die het menschelijk leven kunnen verheffen en veredelen en die den mensch staande houden te midden van de teleurstellende ervaringen, omdat hij de werkelijkheid altijd weer ziet in het licht van het ideaal, dat in zijn ziel leeft, deze twee machten zijn bij den Prediker begonnen te verwelken. Hun ideaal draagt hem niet meer en zoo ligt dan het leven voor hem als een chaos, waarin hij den weg niet weet. Nu eens spreekt hij er van in de taal van een plat realisme, dan weer hooren we een' matte klacht over t lot

Sluiten