Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Door die bepaling wordt bereikt, dat wegen, spoorbanen, kanalen enz., ook indien zij de vereischte uitgestrektheid bezitten, niet tot eigen jachtvelden worden gemaakt.

Gevredigde gronden1). Niet alleen de gronden, die aaneengesloten eene bepaalde miniinum-oppervlakte hebben en die tevens voldoen aan de in verschillende wetten gestelde bijkomstige voorwaarden, nemen eene bevoorrechte positie in in het jachtcomplexen-systeem; eene bijzondere behandeling ondervinden in de meeste Duitsche en Oostenrijksche wetten ook de zoogenaamde Tiergarten. (Wildgarten).

Wat wordt verstaan onder een Tiergarten ? Sommige wetten, zooals de Wurtembergsche (art. 1 lid 1 sub 4), laten zich niet in met eene nadere definieering van het begrip, dat zij als bekend veronderstellen; andere daarentegen treden in eene min of meer uitgewerkte detailleering van het begrip in quaestie.

In de meeste Oostenrijksche wetten heet het, dat Tiergarten zijn die gronden, „welche der Wildhegung gewidmet und gegen den Wechsel des gehegten Wildes von und nach allen anderen benachbarten Grundstücken vollkommen abgeschlossen sind." Minder uitgewerkt is de begripsbepaling in de wetten van Bukowina, Istrië, K r a i n , S a 1 z b u r g en T i r o 1" 2), waar eenvoudig wordt gesproken van „geschlossene Tiergarten". In zoover komen echter alle Oostenrijksche wetten overeen, dat zij op den voorgrond stellen, dat, wil een wildpark eene bevoorrechte positie innemen, het „geschlossen" moet zijn, d. i., dat geen wild, althans loopend wild („Haarwild"), er uit of er in kan komen.

Geheel in overeenstemming met de wettelijke voorschrif-

1) Yrediging = afsluiting. Een met betrekking tot wild gevredigd stuk grond is een terrein, dat zoo van de omringende gronden is afgesloten, dat het zich daarop bevindende wild er niet uit-, het zich daarbuiten bevindende er niet in kan dringen.

2) § 4 van het Kaiserliche Patent van 1849.

Sluiten