Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

tijd (§ 4 lid 3). Eene zeer bijzondere bepaling voegt de wet hieraan nog toe: „Ist ein solcher Beschluss gefasst, so haben diejenigen Eigentümer, welche sich nach den Bestimmungen des § 3 die selbstandige Ausübung des Jagdrechtes vorbehalten haben, nach dem Verhaltnis der Katasterflache dervorbehaltenen Grundstücke und Gewasser einen entsprechenden Beitrag zu dem von dem verpachteten Teile des Gemeindebannes erzielten Erlöse in die Gemeindekasse zu zahlen" (§ 4 lid 4). Ook de privatieve jagers moeten dus, indien door de bijzondere, door de wet geëischte meerderheid van stemmen, is besloten, dat de uit de jacht opgekomen gelden zullen gestort worden in de gemeente-kas, eene bijdrage daaraan geven ter grootte van hun geschat voordeel uit de jacht. Tegenover deze verplichting staat voor hen evenwel een recht, want, waar de bestemming, die aan de uit de jachtopbrengsten gegeven zal worden, ter sprake komt, hebben zij daarbij een medezeggenschap. Slechts ééne bepaalde soort van privatieve jachten is van deze bijdrage vrijgesteld en mist dan ook bijgevolg alle recht om mede te beslissen over de bestemming der voordeelen uit de jacht: de eigen jachtvelden, toebehoorende aan eene gemeente en gelegen binnen de grenzen eener andere gemeente (§ 5). Als reden voor deze uitzonderings bepaling voert de Begründung aan: „Obgleich es rechtlich gleichgültig ist, ob das Eigentum einem Gemeindemitglied oder einem Auswartigen bezw. einer fremden Korporation gehort, erscheint es doch richtig, wenigstens den Gemeinden, welche auf fremdem Banne einen den Voraussetzungen des § 3 entsprechenden selbstandigen Jagdbezirk zu bilden vermogen, auch die pekuniaren Ertragnisse desselben zu sichern, dieselben also dagegen in Schutz zu nehmen, dass über ihr Korporationsvermögen zugunsten einer anderen Gemeinde und durch fremde, ihren kommunalen Interessen fernstehende Gemeindebürger vermöge eines Majoritatsbeschlusses verfügt werde. Eine notwendige Folge hiervon ist, dass

Sluiten