Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

droomt. Een innerlijk nauw met elkaar verwant gezelschap, dat in stille schoonheid hier en daar uit den snellen, afwisselenden, grauw wegstroomenden vloed der menschengeslachten oprijst.

Geen dezer vrouwen heeft in de letterlijke, menschelijke beteekenis ooit „geleefd." Geen van haar is geschapen door de lichamelijke handeling der organische voortplanting. En toch staan zij in al hare schoonheid in ons midden. Zij staan daar, voortgesproten uit eene oneindige opvlammende liefde, uit de volkomen overgave van een menschelijk individu aan een nieuw, een tweede, aan een „scheppen," eene overdracht van het hoogste ideaal in het eigen „ik" op een ander, dat duurzaam is en den dood van dit „ik" overleven moet. Met den geest en met de hand, die door den geest tot in elke fijnste spiervezel innig verwarmd is, zijn zij verwekt in dezelfde natuur, in dezelfde werkelijkheid, waartoe ook een, door de geslachtsvoortplanting verwekt, kind behoort — maar toch als afzonderlijk bestaan daarin, dat het begrip van dat kind niet dekt en de geslachtelijke levensverwekking niet omvat.

En nu komt bij deze schilderstukken, bij deze beeldhouwwerken verder nog, één voor één, een onafzienbare optocht van koningen aan denkbeelden en kracht, die allen herleven, als het woord des dichters klinkt. De taal in dichtmaat, die nooit gehoord werd in al het verwarde stemmengegons der natuur, als ware het de taal der geesten uit eene hoogere wereld. Eene reine taal, uitgejubeld en uitgeroepen met donderenden klank, als eene eeuwige oplossing van alle dingen, gelijk de stem van de innigste wereldharmonie zelve .... En dit alles is evenzoo uit deze vurigste geestelijke liefde tot in het hart der wereld voortgeplant, — voortgeplant, als had de geest, die uit de liefde der zinnen de menschenliefde schiep, eindelijk ook het mysterie der voortplanting voor nieuwe, wonderbare doeleinden in zijn hand gelegd ....

Ten derdenmale dus eene groote wereldreis. De liefde werd kunst.

Sluiten