Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Het bevindt zich thans op den tocht van den eierstok naar de baarmoeder, in het daarheen voerende kanaal van den eileider.

Wat wij voor vochtige korenaren hebben gehouden, die door hare golvingen onzen bol verder voerden, zijn in werkelijkheid de fijne haarvormige aanhangsels van de cellen, die deze organen van binnen bekleeden, zoogenaamde „trilharen", die door hunne beweging het eitje, dat bevrucht moet worden, op den beschreven tocht verder voeren. 1)

Intusschen heeft in het ei zelf nog een laatste noodzakelijk voorafgaand proces plaats, om het rijp te maken voor de te verwachten bevruchting. Wij hebben gezien, wat gebeurt. De eikern of het „kiemblaasje" verlaat tijdelijk zijne plaats, ondergaat eene verandering en werkt door eene tweevoudige splitsing mede tot het voortbrengen van twee kleine lichaampjes tusschen het glasachtig omhulsel en den dooier. Men noemt ze: „richtingslichaampjes" of richtingsblaasjes. Wat hunne beteekenis eigenlijk is, weet men voorloopig volstrekt niet.

In elk geval echter bewijst hun ontstaan, dat in het vrouwelijk ei, en wel reeds thans vóór de bevruchting, een krachtig, zelfstandig inwendig leven ontwaakt is. Geheimzinnige krachten zijn in volle werking, als in eene wereld, die in wording verkeert, zoodat de bevruchting, als zij plaats heeft, reeds alles in volle afwachtende gisting vindt.

Om die werking meer van nabij te beschouwen, keeren wij van de droge uiteenzetting der feiten weer terug tot het beeld onzer phantasie, op het oogenblik, dat het ei door het kanaal van den eileider in de baarmoeder is aangekomen en de bevruchting plaats gehad heeft.

Sluiten