Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

stuk plaats gehad. Zeer, zeer langzaam moest die oerreeks van geslachten elk station eerst opsporen onder duizenderlei verwikkelingen en hindernissen — zeer langzaam moest geslacht na geslacht eerst de afzonderlijke graden van ontwikkeling ontdekken, zich daarin instudeeren, die graden „verwerven." De tegenwoordige volvoxkogel staat tot deze oudere geslachten blijkbaar in dezelfde verhouding als hij, die het verworvene door overerving heeft verkregen. De geheele ontwikkelingsreeks is tegenwoordig op haar geslacht „overgeërfd", zij is daarin, als een willekeurig deel van zijn gansche bestaan, eenvoudig in vleesch en bloed overgegaan, zij is daaraan, als eene oeroude overlevering van den stam, als t ware van den aanvang af onfeilbaar ingeprent, als blinde reflexhandeling ingepompt. Zoodra de volvox uit zich zelf weer eene zaadcel voortbrengt, eene enkele losse cel, dan is het, alsof in deze cel eene taaie, overoude herinnering, als eene ware dwangvoorstelling, wordt overgestort. Zij kan volstrekt niet anders, zij moet weer, recht toe, recht aan, den ouden weg afleggen tot aan den echten volvoxkogel. Nogmaals is het die geheimzinnige grondeigenschap van het leven, de „erfelijkheid", die hierbij vóór u opdoemt. Maar zij verschijnt ditmaal vóór u op eene plaats, waar over het feit zelf volstrekt geen twijfel kan bestaan.

Beproef eens de eenvoudige waarheid, die de volvoxkogel u leert, in eene soort van leerstelling, eene „wet" samen te vatten. Elke afzonderlijke tegenwoordige volvoxkogel, zoo zoudt gij dan ongeveer zeggen, doorloopt in zijne individuëele ontwikkeling zeer snel, en als 't ware automatisch, nog eens dezelfde ontwikkelingsphasen, die zijne voorouders vroeger doorloopen hebben, bij hunne algemeene ontwikkeling tot den volvoxkogel.

Gij ziet uit het gansche verloop der zaak, zooals ik ze u heb voorgedragen, dat in deze „wet" geenerlei toovenarij schuilt. Het eenige, wat een weinig duister schijnt, is de „erfelijkheid" zelf, maar hier staat gij, daaraan willen wij voorloopig eens vasthouden, juist weer voor zulk eene grond-

14*

Sluiten