Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Uit het bevruchte ei der meduse groeit heel genoegelijk eene, op den zeebodem vastzittende, poliep op van dergelijken aard als onze Hydra. Hij zit daar als een beker, heeft van binnen eene maag, van boven een mond en vangarmen daaromheen — en leeft en eet en schijnt volkomen ontwikkeld te zijn. Het is dus iets dergelijks, alsof uwe vrouw u bij hare bevalling op een goeden dag, in plaats van een menschje, een salamander of een vogelbekdier ter wereld bracht. Wat te doen ? Wacht maar.

Stel u het volgende voor. Hier staat een theekopje. Dat theekopje begint u daar opeens eene uiterst dwaze historie te vertoonen. Het krijgt jongen en wel op de volgende wijze. In het midden van het kopje vormt zich een nieuwe bodem. Later tusschen dezen en den ouden bodem nog een. Eindelijk is het, alsof er drie kopjes in elkaar staan. En nu : krak! het bovenste breekt af, valt naar beneden en staat daar als een nieuw kopje. Dadelijk daarop ook het tweede. En daar het onderste insgelijks, ofschoon wat verkleind, ten slotte blijft staan, hebt gij nu in het geheel drie kopjes, in plaats van één. Met werkelijke theekopjes zou dat nu slechts bij een betooverd servies mogelijk zijn, maar den poliep, die het medusenei legde, gelukt het eiken dag voor uwe oogen.

Daar zit de poliep, in vorm inderdaad wel eenigszins op een klein theekopje gelijkend. De holte van het kopje is de maag, de opening van boven de mond. Maar wat gebeurt er nu ?

Naar binnen in de maag groeien tusschenschotten uit. Van buiten wordt het geheele dier op die plaatsen ingesnoerd. In plaats van één kopje schijnen er ook hier spoedig verscheidene, een geheele stapel, in elkaar geplaatst te zijn. In het begin heeft alleen het bovenste den getanden rand van vangarmen. Maar spoedig ontspruit ook van onderen bij elke plaats van insnoering een kroontje van die aanhangsels. Dan opeens : krak ! evenals zooeven : het bovenste kopje met den ouden mond en krans van vangarmen breekt

Sluiten