Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

en levenslustig wezen, van de maag uit in den darm en nu .... zijt ge weer bij het begin. Zuigende koplintworm, knopvorming, bevruchting tusschen de uitgebotte geslachtswormen, — vijftig millioen eieren in den darm van den armen dichter en zoo voorts.

Laat dit geval u echter niet te veel doen ontstellen. Het aantal lintwormen schijnt over 't geheel niet toe te nemen. Van de vijftig millioen eieren geraakt er in den regel minstens slechts één over de geheele ingewikkelde brug van den dierlijken blaasworm weer in een mensch, wat dan ook, bij de geraffineerdheid juist van die brug, geen wonder is. Maar denk nu nog eens over het geheele geval na.

De liefdesroman van den lintworm strekt zich blijkbaar over niet minder dan vier geslachten uit. De eerste generatie, die van de, tot een ketting verbonden, lintwormjongen in den menschelijken darm, is gekenmerkt door echte geslachtsliefde, door de bevruchting van eieren door zaadcellen.

Hunne regelrecht bevruchte eieren groeien tot blaaswormen uit.

Uit den blaasworm bot de koplintworm uit.

Uit den koplintworm echter botten weer de tweeslachtige kettingjongen uit.

Stel u zoo iets bij den mensch voor. Gij verwekt bij uwe vrouw door regelrechte bevruchting een jongen. Hij vertoont eerst een zeer menschelijken aanleg, maar naarmate hij grooter wordt, ziet gij, dat hij wonderlijk van u begint af te wijken en ook geheel anders wil leven dan gij. Terwijl gij hem nog hoofdschuddend aankijkt, groeit hem opeens een nieuw jong uit

17*

Sluiten