Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

botkind. Ook hier volgt op het tweemalige levenscoelibaat tweemaal de offerdood, vóór dat eindelijk in de keten de volle liefde ontwaakt. Alleen ziet gij dezen offerdood van het ouderlijke individu niet meer uitsluitend veroorzaakt door uitwendige, voor de jongen gunstige, omstandigheden, zooals het verzinken in de ontbindende uitwerpselen of in het bijtende maagzuur: gij ziet hier het moederdier zelf tot eene worsthuid verpletterd en ten slotte als een eenvoudig levenloos regenscherm uitgespannen door het groeiende kroost in haar eigen lichaam .... is het niet als in de legende van den pelikaan, wien door zijne kinderen zijn eigen hartebloed wordt uitgezogen . . . . ?

En vele van die arme wurmpjes gaan zelfs zoover, dat zij zich, in den volsten zin des woords, aan de moederborst laven

Zooals ik reeds zeide, omvat de middelste verdieping van het lieve wormgeslacht, behalve tallooze andere groepen, ook de zoogenaamde draadwormen, waartoe de trichine en het a z ij n a a 11 j e behooren. Laat ons in de buurt van het azijnaaltje nogmaals een oogenblik halt houden, om het beeld van den lintworm te voltooien.

Als gij uwe azijnflesch of uwe stijfselpot tegen het licht houdt en schudt, zoodat de kleine huisvrienden in de troebeling rondwentelen, die noch zuur, noch kleverigheid schuwen, dan vermoedt gij weinig, in welk een kostelijk gezelschap gij daar geraakt zijt — kostelijk in dien goeden zin der naïeve natuur, die onuitputtelijk is in hare liefdesromans.

In de buurt daarvan hebt gij het tarweaaltje 5), dat als larve de taaiheid van eene ware mummie vertoont, daar het in de gedroogde tarwekorrels jarenlang wacht, hoopt en overleeft, totdat de korrels eindelijk uitgezaaid worden en nu het hoogere leven der liefde van het aalwormpje zijn spel kan drijven tot in de knoppen der aren.

Sluiten