Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

aantallen beneden 10 dragen afzonderlijke namen, terwijl die boven 10 met tien verband houden, in die mate zelfs, dat reeds in de getallen-groep van 10 tot 20 de namen voor een deel gevormd worden als bij de getallen boven 20. Ook om het benoemen der getallen behooren dus in het eerste leerjaar de getallen tot 20 behandeld te worden.

§ 2. Bij deze behandeling zijn echter enkele rustpunten noodig, van waar uit het behandelde de revue passeert, en waar, zoo noodig, aan het reeds behandelde enkele zaken, die bij eerste behandeling te moeilijk geoordeeld werden, toegevoegd worden. Zoo ligt een rustpunt na de behandeling van 10; daarna toch treedt het tiental bij het tellen als eenheid op. Bij de behandeling der getallen tot 10 is verder 5 het station; slechts hoogstens 5 achtereenvolgende bewegingen van het oog kunnen op hetzelfde oogenblik bewegingsgewaarwordingen doen ontstaan '). Om een aantal, grooter dan 5, te eonstateeren is alzoo nieuwe beweging van het oog (de hand) noodig; daarom is 5 het eerste station, vanwaar uit de afgelegde weg echter nog eens bewandeld wordt, om op andere „schoonheden" het oog te richten. Een volledige behandeling der getallen toch houdt in, het tellen der hoeveelheden, het benoemen van het aantal, het teeken voor dat aantal {cijfer), benevens het verrichten der hoofdbewerkingen met de behandelde aantallen, ook met gebruikmaken van de teekens van bewerking (+, —, x , :). Al deze moeilijkheden bij een eerste behandeling te geven, eischt van de leerlingen te veel inspanning, zoodat het rationeel is te splitsen en een deel te bewaren voor den tweeden tocht.

') Ook voor de bewegingsgewaarwordingen van den tastzin geldt dezelfde grens.

Sluiten