Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

3°. De volgorde is, ook voor de leerlingen, natuurlijk.

De hulpmiddelen, bij deze aanschouwelijke behandeling te bezigen, zijn rechthoek, lijn en cirkel; het is echter hier beter, den rechthoek door een lijn te verdeelen, dan die verdeeling werkelijk te verrichten door scheuren of knippen, omdat in het laatste geval de deelen niet zoo gemakkelijk als deelen worden opgevat.

Behandeling van elke breuk-eenheid dan houdt in, behalve kennismaking met en tellen van de deelen, combineeren van de gegeven deelen tot andere, tot geheelen, enz., terwijl, moge het al niet wenschelijk zijn, van de deeling van geheele getallen uit te gaan, aan het slot der behandeling het verband tusschen de deeling van geheele getallen en de breuken ter sprake komt, door de helft (het derde deel, enz.) van zeker getal als breuk te laten schrij ven en tot een geheel of gemengd getal te laten herleiden. Is deze aanschouwelijke behandeling afgeloopen, dan moeten de leerlingen weten, dat een breuk ontstaat, als enkele gelijke en gelijknamige deelen worden samengevoegd , dat het getal, hetwelk aanwijst, welke deelen het zijn, noemer, dat, hetwelk aanwijst, hoeveel dier deelen er zijn, teller heet, en eindelijk, op welke wijze de waarde der breuk afhangt van de grootte van teller en noemer.

II. Herleiden van onechte breuken tot gemengde getallen en

III. Herleiden van geheele of gemengde getallen tot onechte breuken.

Reeds bij de aanschouwelijke behandeling der breukeenheden werden deze herleidingen verricht, maar ze worden nog eens opzettelyk aan de orde gesteld, omdat bij het latere rekenen met breuken dit herleiden zoo vaak moet

5*

Sluiten