is toegevoegd aan uw favorieten.

Het rekenen en het metriek stelsel

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

A. Geheel getal x decimaal getal . . b.v. 16 x 2,67.

B. Decimaal getal x geheel getal . . b.v. 2,45 x 29.

C. „ „ x decimaal getal . b.v. 16,57 x 8,92. A is welbeschouwd slechts een herhaling van het behandelde in het vorige leerjaar; moeilijkheden doen zich derhalve eerst voor bij geval B, en, door te herinneren

/ 45 245\

aan de beteekenis van 2,45 jn.1. 2^^ = -wordt dadelijk

A A oo 245 oq 245x29 7105

gevonden, dat 2,45 x 29 = --^ x 29 = —=—— = 71,05.

Zijn enkele voorbeelden zóó uitgewerkt, dan wordt nagegaan, wat bij deze vermenigvuldiging eigenlijk geschied is. In plaats van met 2,45 werd 29 met 245 vermenigvuldigd en daarna het product gecorrigeerd d. w. z. honderdsten werden als geheelen beschouwd, maar na vermenigvuldiging als zoodanig weer tot honderdsten herleid.

Ook C wordt op dezelfde wijze behandeld; eerst moeten de

1657 892

leerlingen bepalen, dat 16,57 x 8,92 = "jqq x jqö = 1657 x 892 1478044

= ïoooo = Tëoöcr = U7-8044 en daarna wordt

nagegaan, wat er met het product gebeuren moet, wanneer de decimale getallen als geheele getallen beschouwd worden. Het gevolg dezer bespreking is, dat vermenigvuldiging van decimale breuken eindelijk geheel verricht wordt als die van geheele getallen, terwijl daarna wordt nagegaan, in hoeverre de gevonden uitkomst met de waarheid overeenstemt. Zoo komen de leerlingen wel tot het besef van den regel (in het product zijn zooveel cijfers na het decimaalteeken, als in vermenigvuldigtal en vermenigvuldiger