Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de slotbede is niet krenkend, maar apostolisch verheven:

„Het komt u toe, Sire! het komt u toe kennis van deze zaken te nemen, u te stellen tegen de dwalingen, hoe vastgeworteld zij door lengte van tijd ook zijn, en de onschuld te handhaven van hen, die tot nu toe in hun recht meer verdrukt dan verhoord zijn geweest. Alzoo zegene u de Heere en behoede u, de Heere doe Zijn aangezicht over u lichten, en handhave u in allen voorspoed. Amen".

Voor ons doel moeten wij hier zeggen: Helaas! achter dit Amen des geloofd verbergt zich de naam van den schrijver of de schrijvers van den zendbrief.

Op den smeekbrief aan den koning volgen twee bladzijden, bedrukt met vijf bijbelteksten. „Eenige plaatsen van het Nieuwe Testament, waardoor alle geloovigen vermaand worden om belijdenis van hun geloof voor de menschen te doen Dat hier de onderteekening ontbreekt, spreekt van zelf.

Zoo komen wij dan nu tot de Belijdenis zelve, in 37 artikelen vervat. Ze voert het opschrift: „Confession vrayement chrestienne, Contenant le salut eternel de 1'ame". Of in het oud Vlaamsch: „Vvarachtige Christelicke. Belijdenisse. Inhoudende de eewighe salicheydt der zielen". De meeste artikelen hebben bijbelteksten tot kantteekeningen. De Confessie is niet onderteekend.

Het laatste, wat het boekje bevat, is de „Remonstnice aux Magistrats, des Pavs bas, assauoir Fliidres, Braban, Hainault, Artois, Chastclenie de 1'Isle, et autres regions circonuoisines". Of, gelijk de hollandsche titel luidt: „Vermaninghe ende vertooch tot den Ouerheden vanden Nederlanden, namelick, Vlaenderen, Brabandt, IIollandt, Zeelandt, Henegouwe, Artoys, Casteleynschap

Sluiten