Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Een meening, die wij niet kunnen deelen. Ook herinnere zich de lezer, dat wij vroeger reeds bevonden, dat onze nederlandsche belijdenis meer overeenstemt met de belijdenis der kerk van Parijs dan met die der studeerenden. Dit resultaat stemt overeen met de afhankelijkheid der nederlandsche confessie van de fransche. Daarentegen wordt die afhankelijkheid een raadsel, als, naar we vroeger zagen, de belijdenis der studee renden nog al sterk van de onze afwijkt, en ze niettemin grooten invloed zou hebben geoefend op de fransche.

Ook de tijdgeschiedenis is tegen onzen hoogleeraar. Calvijn moest in Mei 1559 plotseling een keus doen uit twee bestaande belijdenissen, wie van beiden hij naar de synode van Parijs wilde zenden. Hij kon óf zijn eigen belijdenis der studeerenden, met of zonder wijziging, inzenden. Of hij kon een reeds bestaande fransche belijdenis van een plaatselijke kerk, die door hem zeiven twee jaar geleden was goedgekeurd, uitbreiden en der synode voorleggen. Hij moet wel gekozen hebben wat het gevoel der Franschen het meest aangenaam was, do omwerking van de beljjdenis der kerk van Parijs. Die omwerking bood den moesten kans, dat de synode niet geheel onafhankelijk van Calvijn haar eigen weg zou gaan.

Maar wat verstaan we nu eigenlijk onder do fransche belijdenis, de belijdenis der 35 of die der 40 artikelen? Ongetwijfeld de laatste. Zij is de belijdenis der kerken, officiëel door een wettige synode vastgesteld. Zij bevat de fransche kerkleer. Daarentegen behelzen de 35 artikelen enkel het persoonlijk gevoelen van Calvijn en zijn ambtgenooten. Uitsluitend de kerk, niet een kerkhervormer bepaalt, wat voortaan kerkleer zal zijn.

Sluiten