Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

hebben, onder voorwaarde van boetvaardigheid de zondenvergeving altijd gereed is".

De officieele luthersche kerkleer houdt dus in, dat de doop noodzakelijk is tot zaligheid. Hij is een aanbieding van Gods genade. Zonder doop blijft God, om de erfzonde, in eeuwigheid afkeerig van een mensch. Dooiden doop en den heiligen Geest ontstaat een nieuw geestelijk leven, door den doop wordt een mensch Gode aangenaam. Bedoeld zal wel zijn, dat de mensch nu voortaan als een herborene en geheiligde voor God komt te staan. Vandaar de verzekering, dat, mocht hij na den doop nog weer zondigen, onder beding van boete de vergeving gereed is. Een van de roomsche leer niet wezenlijk verschillende opvatting, kalm weersproken .door het nuchtere gereformeerde: [De erfzonde] en wert oock door de doope niet wech ghenomen".

Philippus Melanchthon heeft, mede voor den rijksdag te Augsburg in 1530, opgesteld een verdedigingsschrift der luthersche belijdenis, een „Apologie der augsburgsche confessie". Een uitvoerig opstel van 200 bladzijden. De artikelen der augsburgsche confessie, die niet bestreden worden, gaat het stilzwijgend voorbij. Zoo bv. artikel 1, handelende „Van God". Artikel 1 der Apologie spreekt „Van de erfzonde"'. Daarin antwoordt Melanchton o. a. op de tegenwerping, dat dr. Luther geschreven heeft: „De erfzonde blijft ook na den doop". Philippus verklaart dit als volgt: „Hij [Luther] heeft ten allen tijde duidelijk derwijze geschreven, dat de heilige doop de gansche schuld en erfplicht der erfzonde wegneemt en uitdelgt, ofschoon het materiaal (gelijk men het noemt) der zonde, namelijk de booze neiging en lust, blijft"

1) Die Bekenntniszschriften der evangelisch-lutherischen Kirche. Herausgegeben vom Evangelischen Bücher- Verein. Berlin 1851. S. 48. Dr. Luther: Die Erb-Sünde bleibe auch nach der Taufe. „Kr hat allezeit klar also gesehrieben, dasz die heilige Taufe die ganze Schuld und Erbpflicht

Sluiten