Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

was geworden1). Doch uit den tijd van 1566 gesproken, is de vraag niet te onpas: Staat een gereformeerde, niet specifiek en niet beslist calvinistische confessie, staat de Corte Belydinghe ook soms onder invloed van Bullinger?

Bullinger is onder de hervormers de foederaal- of verbondstheoloog. Gods verbond met den mensch is de groote gedachte, die zijn theologie beheerscht. Ja hij vatte de gansche heilsopenbaring als verbondstheologie op. Met Zwingli dacht hij eenstemmig over het avondmaal. Steeds wilde hij blijven bij de eenvoudigheid der Schrift. Vandaar dat hij, willende „mate houden", in de leer der verkiezing niet te ver doordrong.

De Corte Belydinghe des Geloofs vertoont geen bijzondere punten van overeenkomst met deze leer. Tot onze bevreemding gewaagt zij, over het avondmaal sprekende, met geen enkel woord van het verbond Gods. En in het artikel „Van het heylige Doopsel" verdedigt zij den doop der jonge kinderkens, „aengesien dat sy begrepen zyn in Gods verbondt". Een ziens- en zegswijs, die ook in onze confessie en catechismus voorkomt. Voorts wijst de Corte Belydinghe, naar wij zagen, Zwingli's en dus ook Bullinger's avondmaalsleer beslist af. Geen „bloote teekenen". En van uitverkiezing of uitverkorenen wordt niet gerept. Waar is hier het kenmerk van Bullinger's leer?

Evenmin vond ik in de Corte Belydinghe overeenstemming met de Confessio helvetica posterior, de Tweede

1) De eerste, die Bullinger in eere herstelde, was professor Dr. M. A. Gooszen in zijn verhandeling „Bijdrage tot de kennis van het Gereformeerd Protestantisme", in Geloof en vrijheid, jaargang 1887 blz. 505— 554. Zie over Biillingers leven Carl Pestalozzi, Heinrich Bullinger. Leben und ausgewahlte Schriften, Elberfeld 1858, deel V van ,1e serie: Leben und ausgewahlte Schriften der Vater und Begründer der reformirten Kirche. Kn over Bullingers betrekking tot de nederlandsche reformatie Dr. van 't Hooft, a. w.

Sluiten