Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zwitsersche geloofsbelijdenis van 1562. Bullinger had daarin reeds in het jaar 1562 zijn persoonlijk geloofsgevoelen uitgesproken. In Maart 1566 verscheen zij in druk, met het doel om aan de wereld te bewijzen, dat het geloof van Frederik III keurvorst van de Palts geen sectarisch gevoelen was, maar van de evangelische Christenen in Zwitserland en Frankrijk, Nederland en Engeland gedeeld werd. Om die reden zal zij in hooge mate de belangstelling van alle Gereformeerden opgewekt hebben. Bullinger's populariteit ten onzent was haar tweede aanbeveling. Ze werd de meest verbreide confessie van alle Gereformeerden.

Dit uitgebreid belijdenisschrift in de latijnsche taal opgesteld, 30 artikelen groot, 50 groot 8° bladzijden vullende, kan der Corte Belydinghe niet tot model gestrekt hebben. Artikel 1, Over de heilige Schrift, het waarachtige woord Gods. Artikel 2, Over de uitlegging der heilige Schriften, en over de Vaderen, Conciliën en Overleveringen. Artikel 3, Over God, zijn eenheid en drieeenheid. Artikel 4, Over de afgoden of beelden van God, van Christus en van Heiligen. Deze en dergelijke artikelen worden in de Corte Belydinghe geheel gemist. Daarentegen handelt artikel 10 Over de uitverkiezing Gods, en de verkiezing der Heiligen.

Omgekeerd ontbreekt van artikel 13 der Corte Belydinghe „Van het omdraghen des Gods" elk spoor in de Tweede zwitsersche geloofsbelijdenis.

Summa summarum. Men schijnt tot dusver elkander nagezegd te hebben, dat de geestesrichting van Bullinger haar uiting vindt in de Corte Belydinghe van 1566. Inderdaad is er geen enkel bewijs voor die stelling aan te voeren. De nuchtere waarheid is deze, dat in die belijdenis menschen aan het woord zijn, die „zich aan geen belijdenis willen hechten dan aan de leer van het Evangelie". Dus ook niet aan de leer of belijdenis van Bullinger.

Sluiten