Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

en voor ons bidt, doet niets te kort aan zijn kruisoffer. Welnu, Christus wilde, dat, wat nu in de kerk geschiedt, een beeld zou zijn van wat in den hemel plaats grijpt. Het is zeer schandelijk, indien de zoon des konings voor een aangeklaagde bidt, dat de aangeklaagde zich niet verwaardigt zijn smekingen er aan toe te voegen. Of dat een man bezorgd is om zijn vrouw van schulden te bevrijden, en zij zelve rustig blijft. „Wijl de kerk nu heeft het lichaam en bloed van Christus, waarom zal zij door het gedurig offer des altaars haar echtgenoot niet navolgen, die zich zeiven aan God den Vader voorstelt, en voor haar bidt"? (hoofdstuk 11).

We moeten Gode het beste en kostelijkste offeren. Opdat ons de vloek niet treffe van Mal. 1:14: „Ja vervloekt zij de bedrieger, die een mannetje in zijn kudde heeft, en den Heere belooft; en offert, dat verdorven is." Waarom moeten we dus niet Christus door het offer des altaars aan den Vader offeren? Immers, de eucharistie gold van ouds als offer. Paulus (1 Cor. X:18 —21) vergelijkt haar dan ook met de offers der oude wet en de offers der duivelen. En waarom anders noemt hij Christus den hoogepriester onzer belijdenis (Hebr. III), dan omdat Hij den Vader offert de belijdenis van ons geloof? Omgekeerd moet dus de kerk Christus zeiven, die 's Vaders heerlijkheid is, Gode offeren, (hoofdstuk 12).

Volstandig hebben dan ook de oude kerkleeraars erkend, dat het offer des altaars verzoenend was, of tot vergeving der zonden gebracht worden moest. Zij leerden namelijk, dat het voor gestorven geloovigen moest worden gebracht, die geen offer dan tot vergeving der zonden behoefden. Aldus bepaalde het de synode van Florence, waarop vele latijnsche en grieksche doctoren tegenwoordig waren. Ook zijn de mis voor overledenen, en het vagevuur, erkend door Augustinus en Chrysostomus, Dionysius Areopagita en anderen. Zoo schrijft

Sluiten