Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Het ergste was, dat er in geheel Holland te dezer tijd niet meer dan twee predikanten gevonden werden, Peter Gabriël de Vlaming en Jan Arentszoon van Alkmaar.

Peter Gabriël, een gewezen monnik, was in de latijnsche en grieksche talen tamelijk ervaren. Hij had al de zendbrieven van den apostel Paulus bijna van buiten geleerd, had de schrijvers van zijn eigen tijd veel gelezen, en leerde derhalve met sterke bewijsredenen. Te voren had de Vlaming te Brugge en omstreken gepredikt. Thans woonde hij met zijn vrouw Elizabeth te Amsterdam, in de Engelsche steeg. Hier leerde hij alle Zondagen den Heidelbergschen catechismus. De geloovigen, weinigen in getal, kwamen hem hooren met groot gevaar en vrees. Want de stadsregeering was zeer straf in het branden en hangen van hen, die van het pausdom afweken. Amsterdam heette destijds wel Moorddam.

Jan Arentszoon was mandenmaker van beroep'). Hij was uit Alkmaar verdreven 'door de bitterheid van Meester Elbert Huik, een Amsterdammer2). Zich te Kampen met vrouw en kinderen gevestigd hebbende, predikte hij er heimelijk voor weinig personen. Ook de heimelijke gemeenten in Holland bezocht hij somtijds. Hij verstond wel niet dan zijn moedertaal. Maar hij was met gezond verstand en een kloek oordeel begaafd. Daardoor sprak hij, wonderlijk belezen in de Heilige

1) Men raadplege het opstel van Dr. H. C. Rogge, Jan Arentszoon, in den Kalender voor de Protestanten in Nederland, jaargang 4, Amst. 1859, blz. 7y—121.

2) Huijk had de pastorije der Alkmaarsche kerk van eenige kanunniken te Utrecht voor 500 gulden jaarlijks gepacht of gehuurd. Doch sedert Luthers optreden verminderden zijn inkomsten aanmerkelijk. En het was tevergeefs, dat hij te Utrecht afslag van huur verzocht, en te Rome de hulp van den paus inriep. Sinds zijn thuiskomst raasde en bulderde hy hevig op de Lutheranen en alle ketters. Vandaar dat Jan Arentsz. naar Kampen de wijk nam. Twee andere geloovige mandenmakers weken naar elders, en hielden met vermanen en leeren de plattelandsgemeenten hyeen. Ilun vervolger, van God geslagen, bracht een kwart eeuw in het „dulhuis als een krankzinnige door.

Sluiten