Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Na de gentsche omwenteling van 28 October 1577 behoorden van de achttien notabelen, die tot stadsbestuurders gekozen werden, verscheidenen tot de hervormde kerk. Niettegenstaande de predikatie in de pacificatie van Gent uitdrukkelijk verboden was, schroomde de predikant Nicasen Verschueren niet, in Maart '78 te Gent in het openbaar te prediken. Den 3den Mei werd wel op vijf plaatsen gepredikt, bijzonder in het huis van een der achttien Mannen, waar wel duizend menschen vergaderd waren. Den lste» Juni deden de Hervormden met grooten toeloop van volk hun eerste openbare predikatie in de kerken der Predikheeren en der Carmelieten. Eerlang kwamen de achttien Mannen, de voorschepen of eerste burgemeester jonkheer Jan van Hembyze, en andere schepenen bij de calvinistische leeraars ter kerk. Alles zonder toestemming der Algemeene Staten.

Eerst in Juli 1578 werd, op verzoek van aanzienlijke Gereformeerden uit verschillende gewesten om vrije oefening van hun godsdienst, door den godsdienstvrede van Matthias op zekere voorwaarden hun die vrijheid gegund. Doch die godsdienstvrede werd door de magistraten te Gent verworpen, „zoolang als de gereformeerde religie door al de zeventien Provintiön niet zou toegelaten worden" ').

Het behoeft nauwelijks gezegd te worden, dat dit alles aan den prins van Oranje, den aartshertog en de Algemeene Staten, alsmede aan de beste en voornaamste Gereformeerden te Gent ten hoogste mishaagde. Zoo had de heer van Ryhove groote woorden met eenige

1) «Welke hunne spoorlooze hartnekkigheit den gront gelegt heeft tot den afval der Waelen, en tot den geheelen ondergang van den Hervormden Godtsdienst in Brabant en Vlaenderen, waer toe ook meede wrocht hunne verbittering tegen de Roomschgezinde Geestelykheit, die zy niet ophielden te plaegen, door dezelve van haere Kerken te berooven, haere goederen te verkoopen, en haere persoonen allerlye moetwilligheit te laeten aendoen". Te Water, a. w. blz. 40 v.

20

Sluiten