Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dappere hertog van Parma door Sjfanje tot opvolger gegeven. Hij was reeds met een magtig leger naar Nederland afgekomen en had thans de stad Kamerijk bezet, waar de felste hongersnood woedde. De aartshertog Matthias had langzamerhand zijn gezag bij de staten verloren. In Julij diende hij hun zijn ontslag in. Inmiddels was tot beschermer dezer landen verkozen Frangois van Valois, broeder van den koning van Frankrijk, meer bekend onder den naam van hertog van Anjou en Alen/jon. Deze maakte zich gereed tot zijne komst naar de Nederlanden. Het beleg van Kamerijk sneed hem den pas af. Bewogen met het lot der stad en in haar behoud het hoogste belang stellende, zou hij tot haar ontzet eene poging wagen.

't Was in deze omstandigheden, dat op begeerte van Oranje het besluit der synode tot de viering van den bededag te Brugge werd afgekondigd. Een hallegebod, op den Augustus afgelezen, gaf den wil des magistraats te kennen, dat ieder zich tegen den 9de« bereiden zou tot het statig biddagswerk, tot de bijwoning des heiligen avondmaals, tot het gebed om voorspoed over de wapenen van den hertog.

De 9de Augustus brak aan. 'tWas Woensdagmorgen; maar alle winkels waren gesloten, alle handwerk hield stil, de diepste rust heerschte in de straten en de heiligste ernst in aller gemoed. De predikant Capito, die zelf een lid was geweest der Middel burgsche kerk verganering, had aan de overheid verzocht, dat allen, die in eenige burgerlijke of krijgsbetrekking der stad waren, tot het godsdienstig werk zouden ontboden worden. Reeds in den vroegen morgen bood dan ook het Burgplein een treffend schouwspel. Men zag er de stedelijke beambten, de bevelhebbers der troepen, de magistraatspersonen en de gansche gemeente vergaderd, allen gekleed in hun Zondagsgewaad met diepen eerbied op het aangezigt. Omstreeks negen uur zet zich de stoet in

Sluiten