Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

trachtte jonkheer Diedrich Sonoy, die zich meest te Kleef en soms te Embden onthield, geld te heffen. Zoo groot was de haat tegen den Spanjaard, dat het geheim van zoo velen nergens uitlekte.

Want de breuk tussclien landvoogd en natie werd al wijder. Het was tevergeefs, dat keizer Maximiliaan II in 1569 zijn broeder aartshertog Karei naar Spanje zond, om den koning verzoeningsgezind te stemmen. Vergeefs anderzijds, dat 16 Juli 1570 te Antwerpen een generaal pardon van 's konings wege met veel plechtigheid werd afgekondigd. Het volk vatte den toeleg terstond, blijkens het zeggen, „dat men dit net niet voor de vinken, maar voor grootere vogels gespreid had". Het pardon stuitte de generale vlucht niet, en lokte geen enkelen gevluchten vogel het land weer in.

De verbittering en ellende des volks werden al grooter '). Zij brachten in Vlaanderen de wilde of boschgeuzen op de been, die jegens plattelandsgeestelijken en huislieden veel moedwil pleegden. Zij verwekten de Watergeuzen ter zee.

Reeds in 1569 had de Prins bestellingen of commissies, verlof- of kaperbrieven uitgereikt, om den zeeoorlog te voeren. Want zonen van den hoogsten adel en zonen van burger en boer, landzaten en vreemden, boden zich aan om ook op de baren Al va en zijn aanhang afbreuk te doen. Geleden onrecht dreef hen soms tot buitensporige strafoefeningen jegens vijanden, die hen in handen vielen.

In 1568 had elk van het machtig leger des Prinsen

van zijn boek Paratitla in pandectas, Basilae 1566. — Nog een andere zoon, f'ilips, w.js notaris te Antwerpen, een ijdele man. Als lid der Luthersche gemeente van Antwerpen kwam hij in 1562 te Wezel, werd er nieuwlutheraan en Heshusiaan, stelde zijn huis beschikbaar voor zijn partij, en ontweek Wezel 20 Hebr. 1565.

1) Alva had van 1569 tot '74 met koningin Elisabeth van Engeland een vinnigen twist, die onzen handel veel afbreuk deed. En de Allerheiligenvloed van 1570 verzwolg omstreeks honderdduizend menschen.

Sluiten