Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ziedaar het gewichtig confessie-besluit, waarmee de synode te Eraden haar beraadslagingen aanving. Van onder het kruis en uitDuitschland was men bijeengekomen, om tusschen de verstrooide Gereformeerde kerken van Nederlandschen stam eenheid tot stand te brengen. Daartoe wilde men alle kerken in classicaal en synodaal verband vereenigen.

Het vereenigingswerk werd aangevangen met de leer. Men zou eenparig een belijdenis des geloofs onderschrijven. En vestigde daartoe zijn keus, eveneens eenparig of aanvankelijk bij meerderheid van stemmen, op de belijdenis van de Bres. Voor het eerst ontvangt zij vanwege de Kerk haar volledigen officieelen titel, „de belydinghe des Gheloofs der Nederlandtscher Kercken" '). Voor het eerst, zoo veel wij weten, is zij door al de aanwezige leden eener synode, die als het ware de hand der Kerk vormden, onderteekend geworden.

Want in de Mei-synode van 1566 te Antwerpen, door Junius vermeld, werd zij stellig niet onderschreven. Zij is in die vergadering herzien, en ter goedkeuring en tot den druk naar Genève gezonden. Men kon nog niet den nieuwen, en wilde niet langer den ouden tekst onderteekenen. En na die Mei-synode was geen algemeene kerkvergadering meer bijeengekomen.

Dathenus et Joannes Taffiuus, qui id ad proximam Synodum Galliae Ministris significent, responsumque in proximo fratrum conuentu referant. 4. Admonebuntur quoque Ministri Belgiei, qui ab hoe coetu absunt, vt in eandem subseriptionem consentiant. idein et ab alijs omnibus praestabitui', qui in posterurn ad ministerium verbi vocabuntur, antequam ministerium exercere incipiant. Dr. v. Meer, blz. 229.

1) De Waalsche kruissynode van 26 April 1563 te Armentiers had in art. 1 van haar Acten aangaande gekozen ouderlingen en diakenen bepaald : „signeront la Confession de foy arrestée entre nous". De pinkstersynode van 1565 te Antwerpen had haar zittingen aangevangen inet de verklaring: „Dat bij den aanvang van iedere synode, men voorlezing heeft te doen van de belijdenis des geloofs der kerken van dit land". De Acten van Wezel spreken nog van „de Belijdenis des geloofs, die eerst aan den Koning van Frankrijk .... is aangeboden".

Sluiten