Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

noemde, van de Middelburgsche kerkenordening waren zij gansch afkeerig. Op herhaald verzoek onderzochten zij haar eindelijk. En toen de zinnen zeer verdeeld bleken, benoemden zij een commissie om de Middelburgsche actsn te resumeeren en een kerkelijk-politieke orde te ontwerpen. Het concept werd verzonden naar het provinciale hof van Holland, welk rechtscollege een allerongunstigst advies uitbracht. Niet minder dan zeventien artikelen moesten als geheel het staatkundige betreffende uitgelaten, ja het gansche ontwerp en zijn openbare afkondiging moest beslist uitgesteld worden, „aensiende die grote diversiteyt van de humeuren ende opinien der menschen, dielichtelyck oorsaecke nemen van scheuringhe ende afval, die men behoort te verhoeden, soo veel als doenlyck is, ende dat die saecken noch soo wilt ende vreempt staen". Nu behalve de Prins van Oranje ook de provinciale Raad van Holland den Staten beduidde, dat op de Calvinisten in dezen noodtijd alles aankwam, schrikten de Edelmogenden van hun eigen onvoorzichtigheid en stelden de zaak uit. „De kerkelijke wetten op last der Staten van Holland in 1583 ontworpen" zijn het monument van den tweeden mislukten aanval der regenten op vrijheid en recht der Kerk ').

De concept kerkenordening van 1583 is hoffelijker jegens de Kerk dan die van 1576, maar gaat van precies dezelfde beginselen uit. Ze is staatsburgerlijk en anti-kerkelijk, en ademt de heerschappij van den Staat over de Kerk. Met haar invoering zou de Nederlandsche belijdenis des geloofs een roemloozen dood gestorven zijn. Ze wordt zelfs niet genoemd. Die ten Avondmaal willen gaan, moeten zich daags te voren in de kerken bevinden, „omme met de andere de generale belydenisse des gelooffs by monde van den Kerckendyenaer te doen". Gelijk we zagen, heeft dit belijdenis doen niets met de Belijdenis

1) Hooijer 225 —246, straks Trigland 702.

-

Sluiten