Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Pieter de Zuttere gezegd Overhaag Pieterszoon of Petrus Hyperphragmus Gandavensis, een bitter tegenspreker deiGereformeerden en aanhanger der gevoelens van Schwenckfeld en der Wederdoopers, drong in 1594 op het dorp Hoogmade bij Leiden zich in den dienst des Woords in 1). De synode bewerkte bij den heer Van Poelgeest te Koudekerk zijn afzetting, en schonk den ketterschen grijze uit algemeene menschenliefde zes en dertig carolusguldens. Een schoon voorbeeld van „de waarheid betrachten in liefde".

Een waardig besluit van ons overzicht der Hollandsche synoden vormt de Haagsche bepaling van 1599, „dat tot dit werck der revisie [bijbelvertaling] niemant en behoort ghedeputeert te werden dan dieghene,dieden Catechismum, die in dese kercke gheleert wert, ende de Belydinghe des gheloofifs derselffde kercken sal onderschreven hebben".

Door de thans levende Modernen worden de Hollandsche predikanten der zestiende eeuw om strijd geprezen wegens hun gematigdheid 2). Ik meen aangetoond te hebben, dat

aan, dat de synode hem tractement bezorgen zou. In '95 verklaarde hij niet te willen schrijven tegen de leer, verzoende zich met de synode, en zou haar voorspraak bij de Staten genieten. Hij ontving jaarlijks f '200. Was nog in '97 een onbeschaamd, stijfzinnig man.

1) In Gent geboren, in dienst bij de Hervormde gemeente aldaar, gaf vijf geschriften uit, bezorgde herdruk van werk van een Anabaptist Hendril Roll „Die Slotel van dat sacrament des Nachtmaels", in 1574 twist met ds. Joh. Polyander te Emden, in '74 te Rotterdam, in '81 te Gent, na 1."84 predikant te Serooskerke. C. Sepp. Drie Evangeliedienaren uit den tijd der Hervorming, Leiden 1879, 81—122.

2) Ds. Knipscheer 76: „Het is ook bekend, dat, toen in de kerkvergadering te Leiden in 1593, die Jeremias liastingius als assessor bijwoonde, eenigen voorstelden om achter elke stelling van Herbertsz., die afwijkende gevoelens behelsde, „damnamus'' te plaatsen, deze assessor het weigerde en zeide: „Ego neminem damno, in quo aliquid Christi reperio", d. i. Ick en doem niemant, in welcken ick yet Christi vinde". Zeer te bejammeren is, dat ds. Knipscheer geen bron voor deze anecdote vermeldt. Ik wantrouw haar geboorte, zoolang ik haar wettige geboorteacte niet zie. Want „de" kerkvergadering te Leiden, waarop Bastingius predikant te

Sluiten