Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de predikanten beroepen door een gemengde vergadering, het Collegium qualificatum dat uit den kerkeraad en eenige overheidspersonen bestaat, onder goedkeuiing der classis. Bij dat Collegium berust ook het recht van suspensie en deportement [schorsing en afzetting], met

advies der classis.

Overigens is de Middelburgsche kerkenordening van 1591 een copie der Haagsche van 1586. Wat in 1586 in twee artikelen bepaald stond, het eerste den predikanten en professoren en de confessie, het tweede den schoolmeesters en den catechismus betreffende, werd in 1591 in één artikel saamgevat. „Andere Professoren en schoolmeesters" werd in 1591: „professores in andere consten ende talen, mitsgaders de rectores van de publique schooien. Artikel 45 luidt:

„De dienaers des woorts, item de professores in de theologie ende andere consten ende talen, mitsgaders de rectores van de publique schooien, sullen de Belydenis des geloofs der Nederlantscher kercken ofte den christilicken Catechismum onderteeckenen. Ende de dienaeren des woorts, die sulcks sullen refuseeren, sullen de facto van haeren dienst bij den kerckenraedt ofte classe opgeschort worden, ter tydt toe sy haer daerinne verclaert sullen hebben, ende indien sij obstinatelick in weijgeringe blijven, sullen van haeren dienst geheelick afgeset werden".

Ook de volgende bepaling over de boekencensuur is geheel gelijk aan de Haagsche. Insgelijks de bepalingen nopende de kettersche leer.

Het eerste artikel der Emdensche synode van 1571, waarmee de Haagsche synode haar bepalingen besluit, vormt ook het waardig slot der Middelburgsche voorschriften. „Geen kercke en sal over ander kercke, geen dienaer over ander dienaeren, geen ouderlinck noch diaken over andere ouderlingen ofte diakenen eenige heerschappe voeren".

Tegenover de Staten hunner provincie, die zelfs den

Sluiten