Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

teekenen der formulieren van eenigheid vermochten tegen den tijdgeest niets. Feitelijke niet wettelijke leervrijheid trachtte zich baan te breken. Op vele plaatsen stond de overheid het nieuwe licht voor. Diep bedroevend is wat een dichter van de kerk dier dagen zong:

Elk een gelooft hier wat hem lust,

Men heeft Jus in het stuk van godsdienst niet te veinzen, En is by de overheid voor alle straf gerust

Al uit men zijn gepeinzen.

Wordt haar gezach slechts niet getergd

Zal ze iedereen met vrede laten,

Dewijl zij anders geen geloofsbetrachting vergt Dan onderwerping aan de Staten.

Professor van Veen schetst ons twee leeraars uit de laatste helft der achttiende eeuw, die voor vrijheid en recht der kerk opkwamen. Te Leeuwarden werd ds. Blom door zijn stadsoverheid voor zes weken in zijn bediening geschorst, met inhouding van tractement. Te Groningen werd ds. de Blau door een stortvloed van vuile pamfletten in zijn eer en goeden naam ten hoogsten belasterd. De revolutionaire wijze van strijdvoering.

In de zeventiende en vooral in de achttiende eeuw waren kerk en staat in Nederland steeds meer onder het geweld eener regentenkliek geraakt. Wie zou den muilband ooit wegnemen ? Het huis van Oranje was tot zoo groot een taak onmachtig. Een gewapende opstand viel van een gedwee volk zonder leidsman niet te verwachten. Ten laatste stond Hij op, die in Zijn onnaspeurlijke wijsheid zich wel van Zijn vijanden bedient. Hij deed Zijn wind der Fransche revolutie waaien, en vaagde de regentenoverheersching weg.

Het karakter der Revolutie is vooral vijandschap tegen geestelijken en kerken, ja tegen God en Zijn woord. Juist Gods vijandin werd Gods dienaresse gesteld, toen de Revolutie Neerlands land en kerk bevrijdde. O poëzie

Sluiten