Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ook de inlandsche afgevaardigden keurden de confessie eenparig goed. Zoo kon de praeses aan het slot dezer zitting constateeren, dat de belijdenis „unanimi consensu a tam veneranda Synodo" [met eensgezinde overeenstemming door de zoo eerwaardige Synode] geapprobeerd was. Terwijl hij beloofde, dat in de nazittingen een authentieke tekst zou worden vastgesteld, waarin bij verschil in lezing beslist zou worden „ex vetustissimis Exemplaribus'' [naar de oudste exemplaren].

Synodum Nationalein congregati, eoque nomine ab omnibus Ecclesiis Gallicis delegati; ad postulationem fratrum, qui ab Ecclesiis Reforinatis Belgicis ad nos missi fuerant, huie Confessioiii fidei praedictarum Ecclesiarurn, ad mutuam doctrinae unionem testandam, subscripsimus: prout articulo ad hanc rem consignato, plenius declaratum est. Actuin Vitriac. ad 25 Maij P. Merlinus Praeses. M. Virellus, etc. — Articulus sic

habet. Quod ad confessionem fidei et Disciplinam Ecclesiasticam, quas fratres Ecclesiarurn Belgicarum nobis exhibuerunt, Synodus haec pro summo consensu et unione, quae inter Belgicas et hujus regni Ecclesias, in utraque intercedit, summas Deo gratias egit. Nee gravata est iisdein subscribere: petiitque, ut praedicti fratres lieputati vicissim Gallicarum Ecclesiarurn Confessioni et Disciplinae Ecclesiasticae, aubscribant. Quod a praedictis fratribus est factum. Petrus Merlinus, Matlhaeus Virellus: Electi Synodi Praesides. Acta, :i49.

De synode van Emden 1571 had tot die wederzgd-che onderscbrijving besloten. Ook had zij de predikanten Petrus Dathenus en Johannes Taffinus verkoren, om dit op de eerst volgende synode in Frankrijk aandeFransche leeraren te gaan aanzeggen (VIII, § 4, 22). Allerlei verhindering rees op. In 1574 deelde TafTin aan de Dordtsehe synode mee, «lat hij hierover aan Beza geschreven doch geen antwoord ontvangen had (VIII, § 3, 74). De synoden van 1578 en '81 laten de zaak in rust. Op een Vlaamsche synode in 1582, die van Brugge 8 Mei (H. Q. Janssen, De kerkhervorming in Vlaanderen, 11 35) of waarschijnlijker die van Antwerpen 19 Sept. (W. te Water, Historie der hervormde kerke te Gent, 53) zijn vermoedelijk drie predikanten tot het oorspronkelijk Emdensche doel afgevaardigd. I)r. Johannes Bollius van Gent, Jan Haren van Brugge en Michiel Forest van Mechelen, verschenen als afgevaardigden der Vlaamsche kerken op de synode van Vitró of Vitry in liretagne ten huize van den heer De Laval (Janssen I, 142; 11 261,282, 289 v., 301). Zij onderteekenden daar de Fransche belijdenis en kerkorde, gelijk de Fransche broeders dn Nederlandschen onderschreven „pour preuve et témoignage de la conformité mutuelle" (Hooyer 61 ; Aymon, Tous les synodes nationaux des eglises reformées de France, la Haye 1710; tome 1, p. 157).

Sluiten