Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

port ingebracht, dat sij de nootwendigheyt van deese saecke aen de Heeren Gecommit: Raeden hebben geremonstreert en consent versocht, dat sulckx door de E:E: Professoren tot Leijden soude mooge geschieden, en dat het selfde bij haer Ed: Grootm: oock is vercregen, waer op sij de Copie beijde van de requesten en apostille [kantteekening of naschrift, door de Staten aangebracht] de heeren Professooren hebben behandigt en gebeeden, dat sij dit werck met den aldereersten wilde tyj dehant neemen, en dat sij dit hebben belooft en aengenomen, verclaerende oock verders soo wanneer de Kercken ij et diergelijks in toekoomende tijden op haer E.E. souden willen versoecken, dat sij onbeswaert het selfde souden aenneemen, sonder haer met versoeckinge aen de Heeren Staeten ofte andre moeyelijcheeden te laeten bekommert weesen, sullen derhalven de Gedeputeerden verneemen bij geleegentheijt wat hiervan is gedaen".

De synode van Edam 1625 mocht zich over het gunstig eind der zaak verheugen.

„18. In de refutatie [wederlegging] van de confessie der Remonstranten daer van art. 22 gerapporteert, soo verre bij de Heeren Professoren es gebracht, dat de selfde nu al onder de perse sij".

Werkelijk verscheen in 1626 de Latijnsche wederlegging der Remonstrantsche belijdenis. Die confessie zelf was in het oog van vriend en vijand een allerbelangrijkst stuk, heerlijk als voorschans of als punt van aanval. Daarom begeerde de synode van Alkmaar 1626 ernstig de vertaling der wederlegging in de landstaal.

„12. Op den 18. art: is verstaen, dat de Refutatie vande confessie van de Remonstranten nu is uijtgekoomen, en is goedtgevonden de H.H. Professoren daer over door de Gedeputeerde te bedancken, en met eenen haer E. te versoecken, om te procureeren, dat de gemelte refutatie tot dienst der kerke, int neederduijts mooge overgesett werden".

Sluiten