Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Reeds had iemand anders de hand aan den ploeg geslagen. De synode van Edam 1625 (art. 23) stelde dus de zaak uit.

„Aengaende 't stuck der confessie der Mennisten off

C. W. Bruinvis ter inzage verstrekt een boekje in briefkaartformaat een vinger dik, behelzende eenige confessies in 1666 te Vlissingen door Geleijn lansz. boek vei kooper herdrukt. Met veel dank citeer ik daaruit.

De oude Doopsgezinden waren in kerkgroepen gesplitst. Ile »(Ioogh-diiytschen" stelden in 1591 te Keulen weinige artikelen op. «Concept van Geulen, van den eersten Mey anno 1591". [IV -+ 4 blz. in Alkrn. geschrift], In 1610 verscheen de Waterlandsche confessie, of belijdenis van Hans de Hies en Lubbert Gerritsz. De Oude-Friezen bezaten een korte »Bekentenis des geloofs, gesteld in XXXIII artikelen". Ze werd door 1'ieter J. Twisk in 1617 voor den Hoornschen Martelaars-spiegel geplaatst, en in 1620 afzonderlijk te Hoorn gedrukt. Beiden niet in het Alkm. geschrift. Deze drie kunnen te Enkhuizen in 1624 bedoeld zijn.

Tot dc herleving der Gereformeerde actie van 162li en volgende jaren kan het feit hebben bijgedragen, dat de Doopsgezinden meer eensgezind werden en onderscheiden belijdenissen uitgaven. De gemeente der Vlamingen te Amsterdam liet in 1626 in een zoogenaamd »01ijf-Tacxken'' een antwoord uitgaan op drie vragen, een confessie van VIII + 26 blz. in het Alk in. boekje. In 1627 door een »Brief tot vreed-bereydinge" [12 blz. ib.], in '29 door een «Presentatie" [6 blz. ib.] gevolgd. Een en ander viel in goede aarde. In 1630 greep te Amsterdam de »Vrede handelinge" plaats [het protocol beslaat 7 blz. ib.]. De vereenigde Hoogduitschen en Friezen, die zich nu met de Vlamingen verbonden, gaven nog in 16.'i0 uit de »Belijdenisse van Jan Centsen of anders Hoog-duytsche confessie des geloofs" in 21 artikelen [blz. 53—73 in Alkm. boekje].

De reformatorische kerken van onderscheiden belijden groepeerden zich destijds ten onzent om de Gereformeerde kerk als prima inter pares, als landskerk. Vandaar het sprekend feit, dat »,lan Censz" zijn belijdenis opstelde onder invloed der Nederlandsche confessie. Het ordelijkst belijdenisschrift van Doopsgezinde zgde vangt opmerkelijk aan. #Het I Artyckel. Van de Eenigheyt des H. Gods, ende sijne hoedanigheyt. Wy ghelooven metter Herten ende belijden metten inonde, dat'er is een eenigh eeuwigh onbegrijpelick Geestelick Wesen, dat welcke in de H. Schriftuere God genaemt wort, dien alleene toe-geschreven wort, Almachtigheydt, barmhertigheydt, Rechtveerdigheydt, Volkoinenheydt. Wijsheydt, aller Goetheydt, Alwetenheydt ende ghenaemt is een Fonteyne des Levens, ende een oorspi onck alles goets, een Schepper aller dinghen, ende een onderhouder der selver, die in den Ouden Testamente met verscheyden Namen.... ghenaemt wort" enz. Meerdere sporen van navolging der Confessio Belgica ontbreken.

Tusschen de onderling twistende Vlamingen zeiven kwam in 1632 te

Sluiten