Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

te lezen, gelieven ter uitvoering te doen brengen, en redres [herstel] in dezen te maken".

De synode van Enkhuizen 1732 (art. 30), voor het eerst onder het opschrift „Onderteekenen [let wel] en lezen van de formulieren van eenigheid", constateert algemeene rechtzinnigheid door gansch Nederland ').

Nog was de zaak niet ten einde. De notulen der synode van Amsterdam 1736 bevatten :

„31. Onderteekenen en lezen van de formulieren van eenigheid.

Hunne Edel Mogenden reflecteerden niets.

Gelderland nam dit nauwkeurig waar, selfs in de visitatie en in de aanneeminge der Proponenten wierd men daar toe verplicht. Zuid Holland heeft dit onder de kerkelijke Reglementen, bevlijtigd zulks en leest 'sjaarlijks voor: nog heeft bijsonderlijk daar op gelet en heeft veel werks ontrent gedaan.

Uitrecht toonden ex actis, dat dit stuk onder 2 Lemmata [opschriften] was gebracht.

1. Onder Persisteeren bij de Formulieren van eenigheit, en berigte dat Deputati hadden gerapporteerd, dat alle de E. E. Broederen persisteerden, en dat selfs Ouderlingen en Diakonen de Formulieren overal ondertekende.

2. Onder 't bijsonder Commandatum nopens de Formulieren van Doop en Avondmaal, alwaar tot de stipte Leezinge wierden verplicht alle Studenten in Praeparatoire, en Proponenten in Peremtoire Examens, ook die versoeken als Commendati [van wege classis of synode voor een beroep aanbevolenen] te worden aangenomen. De saak wegens de IV Uitrechtsche Predikanten bleef als vooren; dog D° Schuilenborg las ook de drie vraagstukken in den Doop als 'er woordelijk stondt; voorts waakten Uitrecht ijverig. Vriesland practiseerd. Overijssel hadt dit onder het Lemma: Uniformiteit in 't Leesen der

1) Eveneens Edam 1733, Alkmaar 1734, en Haarlem 1735.

Sluiten