Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

nochtans dat de opschortinghe in de plaetse, daer geenen kerckenraet en is, de classi alleene zal bevolen syn".

Men lette ook op het slot van dit artikel, heenwijzende naar artikel 58 der gearresteerde kerkenordening.

De Middelburgsche kerkorde schrijft in de artikelen 8 en 4 voor, dat in geval van predikantsvacature de kerkeraad van zijn overheid zal verzoeken, eenigen uit hun college zijnde lidmaten der gemeente te committeeren, om samen met den kerkeraad een nieuwen minister te verkiezen onder goedkeuring der classis. En zij bepaalt in artikel 58, dat dezelfde personen den predikant kunnen schorsen en afzetten van zijn dienst. De kerkgeschiedenis noemt zulk een tijdelijk (ad hoe) aangevulden kerkeraad het Collegium qualificatum, dat is het college hetwelk tot het beroepingswerk geschikt en bevoegd gemaakt is. Doch de kerkelijke acten bezigen die titulatuur nooit. Dat teekent.

Zij die over Zeeuwsche kerkgeschiedenis schrijven, leggen gewoonlijk sterk den nadruk op het Collegium qualificatum Is dit wel juist? De synode van Yeere 1610 spreekt heel anders. Zij gewaagt enkel van kerkeraad of classis. Zelfs als zij verwijst naar artikel 58 der kerkorde, dat het Collegium qualificatum omschrijft. Is dit niet juister? Een kleine dorpskerkeraad bestond nog uit vier of vijf' personen. Zijn leden zullen in het Collegium qualificatum de meerderheid gevormd hebben. Het assumeeren van enkele politieken zal aan den kerkeraad gewoonlijk niet al te hinderlijk zijn geweest. Mij dunkt dat het spraakgebruik der Veersche synode dit leert.

1) Zoo Tpeij en Dei-mout, I 3:K>. „Volgens de Zeeuwsche kerkordening

.moest de beroeping van eenen predikant, zoo in de steden als ten platten landy, geschieden door eene gemengde en gevolmagtigde vernadering, aan welke men den naam van collegium qualificatum gal. Dezelve bestond uit de leden des kerkenraads en één ol meer leden van de regering".

Verdient liet aanbeveling, over de kerk te schrijven en aan den staat benamingen te ontleenen ? De staat handelt zelfstandiger. Terecht.

Sluiten